Wat is jouw grootste angst?


Esopus is een blad dat twee keer per jaar verschijnt. Voor mij is het elke keer weer een verrassing als ik een exemplaar in de brievenbus aantref.
De nieuwste editie heeft weer veel bijzonders te bieden. Zo kom je in het blad mooi werk tegen van Adam Chodzko (foto), ‘stills’ uit de film Tulpan van Sergei Dvortsevoy en gedichten van Jessica Elsaesser. Er is een aantal uitneembare bijlagen en, alsof het niet genoeg is, een cultureel kaartspel.
Esopus is een blad om eindeloos in te bladeren, te lezen en je ogen uit te kijken.
Bij ieder exemplaar tref je ook weer een CD-tje aan. Thema van de CD bij de nieuwste editie van Esopus is ‘Fear Itself’. Lezers werd gevraagd om iets te schrijven over hun angsten en fobieën en dertien acts hebben deze verhalen op muziek gezet. Zo zijn er mooie bijdragen van Sage Redman, de Sweetback Sisters en David Bazan.
Je komt verhalen tegen over de angst om over te moeten geven, over de angst voor lava. De CD bevat zelfs een song over ‘the fear of a certain kind of snow, flakes too far apart, falling to the earth too slowly’
En Bishop Allen, we hebben te lang niets van ze gehoord, zingt in Buttons over de angst voor knopen. Inderdaad-knopen.

MP3 Bishop Allen – Buttons

Pas op- verslavend


Nee, een mening over de nieuwe plaat van Tom Waits heb ik nog niet. En ik moet de nieuwe CD’s van Real Estate en Wilco ook nog ‘ns goed luisteren om te weten wat ik er van moet vinden.
Ik luister al een tijdje bijna constant naar Free All The Monsters van The Bats en kom gewoon nauwelijks aan andere muziek toe.
Alles wat The Bats zo’n heerlijke band maakt valt op zijn plek op Free All The Monsters-de perfecte ‘jangle’, de heerlijke vocalen van Robert Scott en Kaye Woodward.
Het album staat vol met licht psychedelische en uiterst verslavende songs als Long Hauls, Free All The Monsters, On The Bank en In The Subway.
Als je Free All The Monsters hoort zou je niet zeggen dat het een album is van een band die al sinds 1982 actief is. Free All The Monsters is hun achtste album van de band rond Robert Scott.
De band heeft zich nooit veel aangetrokken van de waan van de dag en heeft altijd haar eigen muzikale kompas gevolgd.
Met Free All The Monsters zijn The Bats weer terug bij Flying Nun, het roemrijke Nieuw-Zeelandse label waar de band tot 2000 haar werk uitbracht.
Free All The Monsters is te beluisteren en tegen betaling te downloaden via Bandcamp.
Het is wat mij betreft een van de fijnste platen van dit moment.

MP3 The Bats – Simpletons

Over Chris Bathgate, Cyprus en zijn milieuvriendelijke tourbus


Ketelmuziek heeft nog geen aandacht besteed aan Salt Year, het nieuwe album van Chris Bathgate.
Een slechte zaak. Salt Year hoort namelijk absoluut thuis in het lijstje van de beste albums van 2011.
Ter compensatie biedt Ketelmuziek exclusief materiaal aan van Bathgate.
Chris Bathgate bracht onlangs een maand door op Cyprus.
Hij was daar op uitnodiging van een regisseuse die Bathgate gevraagd had om de muziek bij een van haar stukken te verzorgen.
Eenmaal thuis nam Chris de song Nicosia op als een soort herinnering aan zijn verblijf op Cyprus.
Chris was zo vriendelijk mij deze exclusieve songs te sturen omdat ik via Kickstarter heb meebetaald aan zijn nieuwe tourbus. Het is gelukkig wel een milieuvriendelijke tourbus. Anders had ik natuurlijk niet meebetaald- dat begrijp je wel.
Als je meer wil horen van Bathgate, en dat kan ik me goed voorstellen, ga dan op zoek naar Salt Year, echt een prachtige plaat.
Bathgate verzorgde bovendien voor NPR een zogenaamd Tiny Desk Concert. Het is een erg geslaagd optreden waarvan je de opnamen hier kunt bekijken.

MP3 Chris Bathgate – Nicosia

Hemelse pop van Kathryn Calder


Bright and Vivid is de titel van de nieuwe CD van Kathryn Calder en het is een toepasselijke titel.
Het album barst van de energie en is klinkt heel wat vrolijker dan de voorganger Are You My Mother?
Maar dat album was dan ook geïnspireerd door de slopende ziekte van Calder’s moeder.
Kathryn Calder maakte naam met haar band Immaculate Machine en ze werkte ook mee aan de albums van de New Pornographers.
Ze nam de plaats in van Neko Case, van wie de solocarrière steeds succesvoller werd.
Misschien heb je Calder wel ‘ns op het podium gezien bij de New Pornographers. En onlangs was ze nog in ons land om het voorprogramma te verzorgen bij Jon Allen.
Calder’s tweede album Bright and Vivid knalt uit de startblokken met One Two Three. een uitbundige popsong met Phil Spector-trekjes en Calder’s prachtige vocalen.
Ook in het ultra catchy Who Are You stapelt ze laagjes geluid op elkaar en hoor je weer die heerlijke vocalen en dat ijzersterke drumgeluid.
Het stijlvolle City of Sounds en Turn A Light On zijn dan net iets meer ingetogen en subtiel.
Bright and Vivid is een album dat je een paar keer moet horen voordat het echt op z’n plek valt
Maar dan kun je niet anders vaststellen dat Kathryn een verdraaid lekker album heeft gemaakt.
Allmusic had onlangs nog een gesprekje met haar over haar helden en invloeden.

MP3 Kathryn Calder City of Sounds

Tusk festival deel 3: Cath & Phil Tyler, Hiss Golden Messenger, The Hunter Gracchus


Zondag 9 oktober was de derde en laatste dag van het Tusk festival. Op het programma stonden ditmaal onder meer folk en improvisatie. De onopgesmukte folk van Cath en Phil Tyler (foto) was het hoogtepunt van de dag. De zang van Cath en het effectieve banjo- en gitaarspel van Phil maakte zoveel indruk dat niemand van de circa 100 bezoekers een kik durfde te geven. Na afloop van het optreden schafte ik direct hun album The hind wheels of bad luck uit 2009 aan dat prachtige, tijdloze folk bevat.
MC Taylor, de man achter Hiss Golden Messenger draagt een t-shirt met de tekst “if it ain’t country, it ain’t music”. Hoewel ik betwijfel of hij zelf echte country speelt, dat maakte zijn optreden niet minder geslaagd. Sterke songs (Call it daylight, Bad debt en Jesus shot me in the head) en een innemende presentatie. Tijdens het stemmen van zijn gitaar merkt hij op: ik heb een Derek Bailey moment. Zo neemt hij de dwarse Engelse improvisatiegitarist op een vriendelijke manier op de hak.
The Hunter Gracchus gaf het vreemdste optreden van de dag. Het viertal zat op de grond en begon met een soort praatzang. Langzaam ontstond er een samenhangend geheel en werden trompet en megafoon ingeschakeld, waarna elektronische effecten de boel weer op zijn kop zette. Dit lijkt nergens op, of het zou Volcano The Bear moeten zijn, een ander Engels improvisatiegezelschap dat zeer onconventioneel uit de hoek kan komen. Alleen mist Hunter Gracchus net de geniale gekte van Daniel Padden en Aaron Moore, de twee belangrijkste Volcano The Bear leden. Het einde van het concert was mooi, geen knal maar gefluister. The Hunter Gracchus had ik vorig jaar al eens gezien in Hasselt, maar toen wisten ze minder indruk te maken. Dit festival riep bij mij herinneringen op aan de tijd dat in WORM het Ver Uit De Maat festival wed georganiseerd. Of aan kraak in Hasselt waar je, net als bij WORM en Tusk alle optredens kon bijwonen omdat er geen blokprogrammering was, zoals bij North Sea Jazz en Crossing Border (waar ik trouwens ook graag kom). Volgend jaar is er hopelijk weer een Tusk festival. Zo niet, dan is er altijd nog het Instal festival in Glasgow dat begin 2012 terug is van weggeweest. Iets om naar uit te kijken.

Tusk festival deel 2: John Duncan, Long Lonesome Go, Alvarius B


Op zaterdag 8 oktober was er een middag- en avondprogramma op twee locaties. ‘s Middags ben ik in The Star & Shadow cinema, waar de apparatuur en instrumenten aan de lange zijde van de zaal zijn opgesteld. Er is geen verhoogd podium. Bong uit Newcastle beet de spits af met een trage, harde doom rock/drone set. Niet erg subtiel, maar wel strak. Beter beviel mij Chris Forsyth & band met een twintig minuten durende uitvoering van het nummer Paranoid cat. De Television achtige gitaarpartijen maakten het spannend, wat niet gold voor de korte stukken die nogal saai klonken: stuurloze instrumentale postrock. John Duncan zorgde voor een enerverender performance. Je hoorde direct dat hij weet hoe je een spanningsboog moet creëren. Het omschrijven van elektronische geluidscollages is altijd lastig. Laat ik het houden op donkere filmmuziek die goed zou passen in een David Lynch film. Aan het einde van de middag mocht Rhys Chatham zijn Guitar Trio dirigeren voor een bezetting van negen (!) gitaristen en een ritmesectie. Dat deed hij een paar geleden ook tijdens Incubate met hetzelfde resultaat: hypnotiserende en strak gespeelde minimal rock.
Het avondprogramma in The Cluny, de sfeervolle, centrale festival locatie, met een John Peel naamplaat van een trein en foto’s van deze legendarische DJ aan de muur, startte met een verrassing voor mij, The Long Lonesome Go. Dit trio weet te intrigeren met improvisaties voor bas, toetsen en drums. Ruimtelijk, atmosferisch en goed opgebouwde stukken. Soms zakt het even in als ze teveel als een popband klinken, maar de geweldige drummer Christian Alderson houdt zijn bandleden bij de les. Afsluiter van de avond was Alvarius B, ofwel gitarist Alan Bishop (bekend van Sun City Girls en man achter het label Sublime Frequencies). Bij hem gaat het er iets relaxter aan toe dan bij Bill Orcutt. Zijn songs hebben merkwaardige, cabaretachtige teksten. In een stijl die ergens tussen Herman Finkers en Hans Teeuwen in zit, zingt hij over roekeloos rijdende Chinese vrouwen in en rond LA die voor iedereen een gevaar vormen. Bishop is een entertainer en weet een gevoelige snaar te raken als hij You only live twice speelt, ditmaal zonder fratsen. Zijn cover van de tearjerker Johnny remember me is zowel tragisch als hilarisch en het publiek liet zijn waardering blijken door luidkeels te juichen. Een geslaagde tweede festivaldag.

Tusk festival Newcastle deel 1: Grouper, Bill Orcutt


Bij het woord ‘tusk’ moet ik als eerste denken aan het dubbelalbum van Fleetwood Mac. Hoewel de artiesten op het gelijknamige festival in Newcastle (7, 8 en 9 oktober) weinig met Fleewood Mac te maken hadden, zou je met enige fantasie het album en festival toch onder dezelfde noemer kunnen brengen: diversiteit. In drie dagen waren er 21 optredens en als extraatje gesprekken over ‘getting your music to your audience’ en het organiseren van festivals. Avontuur en experiment voerden de boventoon, maar er was naast gitaargeweld en elektronische muziek ook ruimte voor meer folk getinte muziek. Kortom een mooie mix, afgewisseld door pauzemuziek die werd verzorgd door DJs Jazzfinger uit Newcastle en het Belgische kraak. Bill Orcutt sloot de eerste avond af. Zo te zien doet hij niets bijzonders met zijn akoestische gitaar, die hij dicht bij een microfoon houdt. Het geluid is echter bijzonder intens en ruig. Alsof je de ingewanden van de gitaar hoort rommelen. Het zijn geen conventionele songs maar rauwe bluesachtige instrumentals, waar Bill af en toe doorheen schreeuwt. Blootsvoets en gezeten op een stoel (hij zei dat hij moe was) speelde hij een klein halfuur, maar dat was meer dan genoeg: anders zou de intensiteit teveel zijn geworden. Eerder op de avond wist Grouper (ofwel Liz Harris) (foto) grote indruk te maken met een soort elektronische folk improvisatie dat in een My Bloody Valentine achtige drone eindigde, maar gelukkig niet zo luid. De andere optredens waren minder opmerkelijk, maar zeker het vermelden waard. Pigeons deed denken aan Charalambides (het zigzaggende, licht psychedelische gitaarspel), alleen jammer dat de zangeres wat minder vast klonk. De elektronicaset van Vincent Applay en Samon Takahashi had een hoog STEIM gehalte: een demonstratie van curieuze klanken, vervreemdende geluidseffecten en diepe basritmes waar ik niet helemaal door werd meegesleept. Goed opgebouwd, dat wel. Conclusie: een veelbelovende eerste dag van dit nieuwe festival, waar zo’n kleine 200 bezoekers aanwezig waren.

McCarthy Trenching komt met nieuw materiaal op de proppen

#56 McCarthy Trenching: Oh Nancy from Love Drunk on Vimeo.

Goed nieuws: McCarthy Trenching komt met een nieuwe CD. Fresh Blood heet het album. Al kun je misschien beter van een EP spreken, omdat er maar zeven songs op staan.
Maar dat zijn wel zeven erg mooie songs. Dan McCarthy houdt het overwegend akoestisch op Fresh Blood. Zo komen de verhalen en die karakteristieke stem het beste tot hun recht.
McCarthy vertelt prachtige verhalen over een verhuizing van de buurvrouw als gevolg van een scheiding, over een band ‘on the road’ en hij zette het gedicht Wants van Philip Larkin op muziek.
Fresh Blood is een echte aanrader. De CD is nu uit op Slumber Party Records. Overigens niet te verwarren met Slumberland Records.

MP3 McCarthy Trenching – The Barroom And I

awkward i- mooi werk van Nederlandse bodem


Het moeten drukke dagen zijn op het kantoor van Excelsior Recordings. Deze maand brengt het label twee CD’s uit waar het publiek al lang naar uitkijkt.
Om te beginnen is dat het langverwachte album van Spinvis, Tot Ziens, Justine Keller.
En op 17 oktober komt Everything on Wheels van awkward i uit. Inderdaad- awkward i met kleine letters.
Er zit twee jaar tussen I Really Should Whisper, het debuut van awkward i, en Everything On Wheels. Inderdaad- awkward i met kleine letters.
In die periode is veel gebeurd en dat hoor je terug op het album. Djurre de Haan, de spil van awkward i, deed een indrukwekkende hoeveelheid live-optredens en hij verzamelde een echte band om zich heen. Hierin komen we onder meer Diederik Nomden, die ooit in Johan en Darryll Ann speelde, en Susanne Linssen van de Hospital Bombers tegen.
Zij zorgen ervoor dat Everything On Wheels muzikaal rijker is geworden dan het debuut.
Djurre de Haan ziet zijn muziek als een combinatie van melodie en poëzie. De Haan mengt persoonlijke en poëtische teksten met uitgebalanceerde pop met naast drums, bas en gitaar ook viool, cello en mandoline. Dat levert indrukwekkende songs op als Your Arrival, The Unknown Character en Let’s Get Ready To Die.

MP3 awkward i – Your Arrival

Bonnie "Prince" Billy maakt prachtige nieuwe plaat


Al vanaf het begin van zijn carrière brengt Will Oldham in een razend tempo CD’s, EP’s en singles uit en werkt hij mee aan werk van collega’s.
The Royal Stable houdt gedetailleerd bij wat Oldham allemaal uitbrengt. Daar is te lezen dat onze bebaarde vriend alleen al dit jaar verantwoordelijk was voor een paar 10”s, een single en bijdragen aan een tribute-CD en een audioboek. Al die activiteit lijkt te leiden tot Wolfroy Goes To Town, het nieuwe album dat onder de artiestennaam Bonnie “Prince” Billy in de winkels ligt.
Wolfroy Goes To Town is een ingetogen album waarop Oldham zijn muziek tot de basis terugbrengt. We horen Oldham’s stem, een minimale begeleiding en de vocalen van Shahzad Ismaily en Emmett Kelly, mannen de eerder met Oldham samenwerkten.
De tien songs van net album zijn stuk voor stuk prachtig, maar laat ik in ieder geval Night Noises en New Whaling even noemen. De Oldham-kenners zullen de overeenkomsten tussen New Whaling en New Partner opvallen. Quail and Dumplings zorgt voor het up tempo-moment van het album. In de video bij deze song speelt Nina Nastasia overigens nog een klein rolletje.
Oldham werkte in het verleden samen met zangeressen als Dawn McCarthy en Cheyenne Mize. McCarthy kreeg volop de ruimte om vocaal te schitteren op Letting Go. Die rol is op Wolfroy Goes To Town weggelegd voor Angel Olson en zij doet het uitstekend. Haar stem geeft songs als Quail and Dumplings en No Match een extra dimensie. Oldham zelf lijkt overigens steeds beter te gaan zingen.
Wolfroy Goes To Town behoort tot het beste dat Oldham in de afgelopen jaren uitbracht.

MP3 Bonnie “Prince” Billy – No Match