Londen: Broadcast, Polar Bear en Lou Reed op het Ether festival


Ik had graag Lou Reed’s Metal Machine Trio gehoord in de Londense Royal Festival Hall, maar ik moest het concert afzeggen omdat mijn vlucht op die dag was uitgevallen en ik net te laat was om een boot- of treinkaartje te regelen. Uit de drie positieve recensies over het optreden in de Engelse pers (Evening Standard, Guardian en Independent) bleek dat er maar weinig weglopers waren (in tegenstelling tot het concert in Parijs waar 30% wegliep, zo heb ik uit betrouwbare bron vernomen). Het is alsof je in een cementmixer zat: keihard, woord-, toon- en compromisloos. Er zaten muzikanten in de zaal: de Guardianjournalist zag Nick Cave, Bobby Gillespie en Kevin Shields (van My Bloody Valentine). Het hardste geluid van de avond komt als Reed op een gong slaat. De boeroepers zijn in de minderheid, na 35 jaar is er volop applaus voor metal machine music. Thuis draai ik nog een keer kant 1, 16 minuten feedback en noise die echter minder monotoon klinkt dan ik mij herinner. Misschien went noise 35 jaar na dato dan toch. Voor de liefhebbers is er een nieuwe uitgave verschenen van Reed’s album.
Ik heb twee dagen later wel het optreden van Broadcast (foto) gezien en dat klonk prima. Het duo (James Cargill en Trish Keenan) speelt ruim een uur onafgebroken en er komen stukken voorbij van hun album uit 2009, Broadcast and The Focus Group investigate witch cults of the radio age. De afwisselend dromerige, elektronische en psychedelische pop met sixties invloeden krijgt wat meer pit en power als Trish Keenan de gitaar pakt en een mooie hypnotiserende riff speelt waarmee het optreden een climax bereikt. De bijbehorende beelden ademen een mysterieuze sfeer uit, net als het Ghost Box project van Julian House, waarmee Broadcast heeft samengewerkt op de laatste plaat: Het is meer suggestie dan dat er werkelijk iets te zien is. Opvallend is dat er geen toegift komt en dat het publiek netjes klapt en blijft zitten. Dat is eigenlijk wel mooi, want toegiften vallen vaak tegen. Nog meer mooie momenten op het Ether festival: de groep Polar Bear geeft een gratis optreden waar opnieuw veel publiek op af komt. Terecht, want hun stevige (dream?) jazz is de moeite waard. Geen easy listening, wel lange saxsolo’s en vreemde gitaar- en elektronicapartijen. De drummer klinkt af en toe weinig subtiel maar dan kan aan de akoestiek liggen. Wat zeker niet tegenvalt is dat je in de foyer van de Royal Festival op een van opgestelde theremins kunt spelen in “silent disco” stijl, dus niemand hoeft te horen welke afgrijselijke of prachtige klanken je maakt.

MP3 Broadcast and The Focus Group – The Be Colony

Warm aanbevolen, ook voor kinderhaters


Leuke Smiths-covers zijn er volop. Zo schiet me vooral Please Please Please Let Me get What I Want van The Lancaster Orchestra te binnen. Maar ook This Charming Man van het eerste album van Stars staat hoog op het lijstje van goed geslaagde Smiths-covers.
Het is de band van Amy Millan en Torquil Campbell blijkbaar zo goed bevallen dat ze negen jaar na This Charming Man hun versie van Asleep opnamen. En ook deze cover is weer erg geslaagd.
Overigens komt op 22 juni weer een nieuw album van Stars uit, The Five Ghosts genaamd. Ik ben benieuwd waar de band ons nu weer mee gaat verrassen.
Asleep kom je tegen op de verzamelaar Sing Me To Sleep met de toepasselijke ondertitel Indie Lullabies. Ik heb niets met kinderen, maar kocht de CD vooral omdat ik erg benieuwd was Casey Mecija van Ohbijou zou doen met Dear Prudence of wat Papercuts ging maken van Boys of Summer van Don Henley.
Sing Me to Sleep is een erg leuke verzamelaar van American Laundromat Records, een label dat een goede naam heeft opgebouwd met interessante tributes en verzamelaars.
De toon van Sing Me Sleep is ingetogen , zoals je zou verwachten bij slaapliedjes.
Een enkeling slaat de plank flink mis, maar de versie van You and Your Sister van O+S, de band van Orenda Fink, en Neil Halstead’s aanpak van Cloudbusting van Kate Bush maken veel goed.
Verder kom je nog fijne bijdragen van Dean & Britta, Peter Broderick en The Leisure Society tegen.
Sing Me to Sleep is warm aanbevolen, ook al heb je, zoals ik, een hekel aan kinderen.

MP3 Stars – Asleep

Wat is er mis met de bandnaam New Buffalo?

Harmony to My Heartbeat from Sally Seltmann on Vimeo.

Verwarrend kan het soms zijn dat een band ergens halverwege de carrière, of wat daarvoor door moet gaan, de naam verandert.
Ik kan me nog voorstellen dat je van een onhandige naam als Amsterband af wilt en je band Ha Ha Tonka gaat noemen. En Owen Pallett had blijkbaar ook genoeg van de bandnaam Final Fantasy en bracht zijn laatste album gewoon onder de naam Owen Pallett uit.
Na een handjevol albums onder de naam New Buffalo brengt Sally Seltmann haar nieuwste plaat Heart That’s Pounding uit onder haar eigen naam. Waarom? Ik zou het werkelijk niet weten.
Ik heb altijd wel ene zwak gehad voor het werk van New Buffalo. Haar debuut-EP About Last Night is mijn favoriete album, vooral omdat Sally hier met samples, wat electronica en die prachtige stem een erg mooie sfeer neerzet.
Vanaf About Last Night is New Buffalo steeds meer richting de easy listening opgeschoven.
Heart That’s Pounding zit net als de voorganger goed in elkaar en het album is echt vederlicht.
De sound van het album doet me nog het meeste denken aan het werk van Leslie Feist. Niet helemaal toevallig, want Feist en Seltmann schreven ooit samen aan het hitje 1234.
Sally, inmiddels getrouwd met Darren Seltmann van de plunderphonics-specialisten The Avalanches, leent voor haar songs volop bij de klassieke pop van Phil Spector en Burt Bacharach.
Luister maar ‘ns naar Dream About Changing, Set Me Free of Sentimental Seeker.
Heart That’s Pounding is een fijne plaat die ook na een aantal draaibeurten blijft boeien.
Maar mijn favoriete album van Sally blijft toch About Last Night.

MP3 Sally Seltmann – On The Borderline

Record Store Day op 17 april: Awkward I in North End


Op een zonnige zaterdagmiddag reis ik af naar Haarlem om een kijkje te nemen in de platenzaak North End. Ter gelegenheid van Record Store Day treden in diverse platenzaken over de hele wereld artiesten op en zijn er vinylplaten te koop. Zo ook in North End. De bezoekers worden naast een gratis drankje en diverse hapjes ook getrakteerd op levende muziek van Djurre de Haan (Awkward I): een mooie unplugged soloset. Een van de gespeelde nummers (We come from far) staat ook op de speciale Four track EP van het Excelsior label met nog niet eerder uitgebrachte opnamen van Moss, El Pino And The Volunteers, Tim Knol en Awkward I. Het is een gelimiteerde oplage van 600 exemplaren op wit vinyl en ik koop nummer 300. Om in de geest van deze dag te blijven heb ik thuis alleen vinyl gedraaid. De speellijst: allereerst de Excelsior EP en de vorige week op de platenbeurs gekochte LP’s van Ry Cooder (Into the purple valley) en Don Cherry. Verder Martin Newell & The Cleaners from Venus (sympathieke Engelse songsmid met een XTC-connectie, alleen wel minder catchy) en Gazing at Shilla van Bardo Pond, een fascinerende gitaarband uit Philadelphia die mij soms doet denken aan Spacemen 3, My Bloody Valentine en aan trage nummers van The Stooges, Loop en psychedelische krautrock. De gitaarmuren beginnen na meerdere draaibeurten steeds meer reliëf te vertonen: er gebeurt meer dan je op het eerste gehoor zou denken. Record Store Day is een mooi initiatief om muziek op vinyl onder de aandacht te brengen en wat mij betreft geslaagd, omdat mijn verzameling witte vinylsingles is verdubbeld. Tot nu toe had ik er slechts één, Julian Cope’s Planetary sit-in. Mijn enige witte vinyl LP is Eskimo van The Residents. Maar dat is logisch.

MP3 Awkward I – Sea Life

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Kippenvelmuziek van Horse Feathers


Ik keek erg uit naar het nieuwe album van Horse Feathers en nu ik dan eindelijk naar een overigens legale download van Thistled Spring luister blijkt dat het album mijn verwachtingen nog overstijgt.
De band uit, hoe kan het ook anders, Portland, Oregon maakt rijk gearrangeerde folk.
Net als op de voorganger House With No Home hoor je op Thistled Spring veel gitaren, banjo´s en strijkinstrumenten. Ook de prachtige stem van voorman Justin Ringle bepaalt heel duidelijk het geluid van de band.
Thistled Spring ligt duidelijk in het verlengde van House With No Home, al is het nieuwe album iets minder introspectief en hebben Ringle en zijn maten het deze keer allemaal iets ambitieuzer aangepakt.
De tien songs van Thistled Spring zijn soms gefluisterd, dan weer uitbundig, maar altijd aangrijpend en fascinerend. Thistled Spring is echte kippenvel muziek.

MP3 Horse Feathers – Thistled Spring

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Over crowdfunding en Antarctica Takes It!


Crowdfunding lijkt het nieuwe toverwoord in de muziekwereld. Nee, ik heb het niet over crowdsurfing, maar over crowdfunding.
Crowdfunding komt er op neer dat je als band of muzikant de fans vraagt om een investering te doen in jouw nieuwe album.
Als fan, liefhebber of sympathisant zeg je een bepaald bedrag toe. En afhankelijk van de hoogte van dat bedrag krijg je beloning. Dus je doet een toezegging voordat je het product ontvangt.
The Smiles, die hun muziek omschrijven als ‘tropical grunge’ zijn bijvoorbeeld op zoek naar investeerders zodat ze hun eerste EP uit kunnen brengen.
Als je $2 toezegt aan The Smiles krijg je als beloning een persoonlijke ansichtkaart. Maar als er iets meer geld in de spaarpot zit en je $ 750 toezegt krijg je als beloning een persoonlijk optreden van de jongens.
Kickstarter is een site die volledig aan crowdfunding is geweid. De site staat echt vol met de meest fantasierijke projecten. Crowdfunding lijkt de creativiteit in mensen naar voren te laten komen. Want wat dacht je van een studente die $ 10.000 op wil halen voor een film over een helderziende geit. Tot nu toe is er niet meer dan $ 1000 toegezegd, dus het is de vraag of het project ook doorgaat. Als investeerder ben je je geld overigens pas kwijt als een project succesvol is, dus als het financiële doel gehaald is.
Ook erg leuk: een stel dat foto’s wil maken van alle Sizzler- restaurants in de USA. In de video hierboven geven ze toelichting op hun project. Het is ze overigens niet gelukt om al het geld bij elkaar te krijgen.
Ik heb $ 40 bijgedragen aan het nieuwe album van Antarctica Takes It!. Ik was erg gecharmeerd van het debuut van de band, zoals je kon lezen, en wilde eigenlijk wel meer horen van deze band.
Het project om via Kickstarter $ 2000 op te halen voor de nieuwe plaat is succesvol en in ruil voor mijn $ 40 krijg ik van de band gesigneerde exemplaren van het eerste en nieuwe album van de band.
Dylan van Antarctica Takes It! stuurde me deze MP3 als voorproefje op de CD.

MP 3 Antarctica Takes It! – C&F

Terug in de tijd met The Sonics


De golf van reüniebands blijft aanhouden. Het lijkt wel alsof elke band die ooit heeft bestaan een tweede leven gaat leiden.Of dat altijd een goed idee is? Meestal niet, maar bij garagerock uit de sixties kan er weinig misgaan zou ik denken. Een staalkaart van de beste songs uit dit genre is terug te vinden op de geweldige verzamelbox Nuggets: Original artefacts from the first psychedelic era, 1965-1968. Op de Nuggetsbox staan drie ruige nummers van The Sonics: Strychnine, Psycho en (The) Witch. Op het debuutalbum Here are The Sonics uit 1965 zijn deze nummers ook te vinden, aangevuld met coverversies van onder andere Good golly miss Molly, Roll over Beethoven en Money. Dus toen ik las dat The Sonics op 30 maart in Paradiso zouden spelen ben ik er naar toe gegaan. Ik had eigenlijk verwacht dat zij in de bovenzaal van Paradiso zou spelen. Hoeveel mensen zouden afkomen op een groep die slechts een handvol ruige punksongs avant la lettre op haar naam heeft staan? Maar goed, de grote zaal liep aardig vol met jonge en oude bezoekers. In het voorprogramma mocht de Nederlandse band West Hell 5 demonstreren dat zij een mooie mix van sixtiesstijlen beheersen. Ze noemen het zelf mod-jazz. Een ronkend Hammondorgel, stekelige gitaar, een scheurende barritonsax en gejaagde ritmes. Dit alles geïllustreerd met leuke fragmenten van oude tv series als Mission: impossible, The man from U.N.C.L.E. en De Wrekers, B-films en gogo dansers. Entertainment!, om de Gang of Four te citeren. The Sonics waren al in 1968 uit elkaar gegaan, maar recent zijn drie van de vijf oerleden weer op tournee gegaan met hun oude repertoire. Alle nummers waren ruim 40 jaar oud of soms wel 50 jaar, zoals Lucille en Louie Louie. De uitvoeringen weken niet veel af van de originelen, hoewel de oerschreeuw van zanger Gerry Roslie net wat minder krachtig klonk. Hoogtepunten waren Psycho en Witch, compleet met twee heuse gogo danseressen die het podium betraden. Leuk om erbij te zijn geweest, net zoals het af en toe lekker is om een patatje met te eten. En zo hoor je waar bands als The Stooges door zijn geïnspireerd. Na afloop van het concert stap je uit de denkbeeldige tijdmachine en kun je concluderen (zie de Westhell 5 site): mission accomplished.

Geen nostalgie bij twee Elliott’s: Murphy en e#


Vorige maand speelden twee muzikanten in Amsterdam die ik nog nooit live had gehoord. Dat ligt niet aan hen, want zowel Elliott Murphy als Elliott Sharp (afgekort e#) zijn al meer dan 30 jaar actief. Hoog tijd voor een nadere kennismaking. Murphy (foto) debuteerde in 1973 met het album Aquashow, dat in de traditie staat van singer songschrijvers die ook kunnen rocken. Bob Dylan is één van zijn grote voorbeelden. Anno 2010 kan ik alleen maar constateren dat Murphy beter zingt dan Dylan en dat ook zijn mondharmonicaspel stukken krachtiger én subtieler klinkt. Hij is verder niet te beroerd om tegen de bezoekers te praten en te reageren op reacties uit het de zaal. Kortom, hij maakt een vitale indruk (hij is pas 61 jaar) en zijn Franse begeleidingsband excelleert op alle fronten. Uitschieter is Olivier Durand, die zijn akoestische gitaar elektrisch kan laten scheuren à la Chuck Prophet. Wie er niet bij was in de bovenzaal van Paradiso heeft een bijna twee uur lange show gemist waarin countryrock, ballads, rock & roll en meeslepende, verhalende songs passeerden. Daar krijg je een goed humeur van. Op de site van Elliott Murphy staan 10 albums die zijn leven hebben veranderd, waaronder Dylan’s debuut uit 1962, Everything is A-OK van The Astronauts (surfmuziek), Rubberl soul (Beatles), Get yer ya-ya’s out (Rolling Stones), Loaded (Velvet Underground) en Greetings from Asbury Park van Bruce Springsteen, dat net voor Murphy’s debuut verscheen. Op basis van zijn concert stel ik vast dat hij zich moeiteloos handhaaft naast Bob en Bruce.

De andere Elliott (geboren in 1951), vertoonde ook nog geen muzikale slijtageplekken, zo bleek tijdens zijn optreden in het redelijk maar niet overdreven gevulde BIMhuis. Met zijn opnieuw geformeerde groep Carbon maakt hij nog steeds tegendraadse muziek, gebaseerd op mathematische principes (hij laat zich inspireren door de reeks van Fibonacci, zo lees ik in het cd boekje van Void coordinates). Sharp is afkomstig uit de New Yorkse jazz- en improvisatiescene uit de jaren 70, waarin ook saxofonist John Zorn en drummer Bobby Previte actief waren. Zorn en Previte heb ik regelmatig zien optreden, Previte zelfs een keertje in een New Yorkse club, Visiones, waar ik zo’n beetje in de basdrum zat. Sharp had ik nog nooit live gezien dus ik was benieuwd. Zijn muziek is een combinatie van minimal music, harde rock, jazz en improvisatie. Carbon bestaat uit een ritmesectie, een synthesizerspeler, Zeena Parkins op elektrische harp en Sharp op gitaar en sopraansaxofoon. Jammer is dat Parkins maar met moeite boven de anderen uitkomt, ondanks een versterkte harp en de grommende geluiden die zij produceert. Het is net alsof je naar teveel geluid tegelijk luistert, zoals bij de op wiskundige principes gebaseerde stukken van Xenakis. Dat klinkt heel exact en verantwoord maar het resultaat is soms ‘overdone’ en steriel. Gelukkig is Carbon toegankelijker dankzij enkele stevige grooves. Voorlopig blijf ik liever Zorn of Previte horen, maar dat is eigenlijk een beetje appels met peren vergelijken.

MP3 Elliott Murphy – And General Robert E Lee


De foto is overigens van Guus Krol 

The Lighthouse and The Whaler- een must voor de Bowerbirds-fans


Eindelijk begin ik een beetje inzicht te krijgen in al die Bear-bands. Ik begin het verschil tussen Grizzly Bear, Minus the Bear en Bear in Heaven door te krijgen, het verschil tussen The Bears, Seabear en Bobby Bare jr. OK, die laatste is wel erg flauw.
En nu duiken er opeens allemaal walvissen en walvisvaarders op. Wat dacht je van Or, The Whale en Noah and The Whale? Of van Freelance Whales en The Lighthouse and The Whaler.
Net als Or, The Whale haalt The Lighthouse and The Whaler de inspiratie voor de bandnaam bij Moby Dick.
Ik had het geluk om The Lighthouse and The Whaler live te zien tijdens SXSW.
De band uit Cleveland gaf een uitstekende show, al lukte het de wat studentikoze jongens op het podium niet om constant mijn aandacht vast te houden.
The Lighthouse and the Whaler bracht onlangs een uitstekend album uit en deze plaat zou je misschien wel een van de ontdekkingen van de laatste tijd kunnen noemen.
De band maakt verzorgde folky pop die vooral in de smaak zal vallen bij de fans van de Bowerbirds. En dat zijn er in Nederland aardig wat.
De mannen van The Lighthouse and the Whaler zijn stuk voor stuk uitstekende muzikanten en de plaat bevat geen enkel zwak nummer.
En dan heb ik nog niets gezegd over de bijzondere hoes. Ik zag de hoes voordat ik de muziek hoorde en dacht- zo´n prachtige hoes kan toch alleen maar mooie muziek herbergen. En dat klopt.

MP3 The Lighthouse and The Whaler – White Days

Dark Dark Dark brengt EP Bright Bright Bright uit.


Ach, wat moet je anders met je goede vrijdag, rare dag is het toch, dan wat op het wereldwijde web te surfen om te kijken waarover de collega´s het hebben. En zo kwam ik op het spoor van Dark Dark Dark.
De band uit Minneapolis heeft al wat albums en EP´s op haar naam staan en in maart bracht het gezelschap de EP Bright Bright Bright uit.
Het is een stemmig plaatje en vooral het titelnummer en Something for Myself behoren tot het mooiste dat ik in lange tijd heb gehoord.
Dark Dark Dark nam de EP op in een voormalige kerk en de stemmige sfeer zal zeker voor een deel daaraan te danken zijn. Naast piano, cello en accordeon bepaalt toch vooral de stem van Nona Marie Invie het geluid van de band. Zij heeft een prachtige stem waar je met geen mogelijkheid om heen kunt.
Je komt bij Dark Dark Dark zeker sporen tegen van Beirut en Arcade Fire.
Maar Dark Dark Dark houdt de pretentie en theatraliteit in toom, zodat ook ik ervan kan genieten.
Drowned in Sound heeft de band ook al ontdekt, al gaat het mij iets te ver om te zeggen:
´In fact, it’s best to think of Dark Dark Dark as what the Arcade Fire’s Régine would sound like if she started a band with Regina Spektor.´
Ik ben blij dat ik dat ik deze prachtige EP Van Dark Dark Dark op het spoor ben gekomen.
Heeft goede vrijdag toch nog wat moois opgeleverd.
Je kunt op de site van de band overigens de gehele EP beluisteren.

MP3 Dark Dark Dark – Bright Bright Bright