De ukelele is weer helemaal terug en een korte radiostilte

De ukelele is weer helemaal terug in de pop. Een van mijn favoriete platen van 2009 is het album van Dent May en zijn “magnificent ukelele”.
Toevallig kreeg ik vandaag een mailtje van de band met de wat gezochte naam Galapaghost. Zij omschrijven hun muziek als “ukel-indie rock” en de songs op hun site klinken eigenlijk best goed.
Maar niet zo goed als Failed Attempts at Facial Hair, alweer zo’n prachtige naam.
John Crodian, de man achter Failed Attempts, nam een album met heerlijke songs op. Vaak begeleidt hij zichzelf op de ukele, een enkel nummer is a capella.
John heeft veel te vertellen en er komen mooie verhalen langs over een mislukt kapsel en de gevolgen daarvan, een romantische ontmoeting tijdens een show van Napalm Death en zelfs een loflied op mouwloze T-shirts. En het zal sommige mensen goed doen dat Crodian ook nog een cover van Daniel Johnston’s Hate Song doet.
Soms doet Failed Attempts me denken aan de No Folk ,dan weer aan Tiny Tim, maar ook Stephen Merritt is nooit ver weg.
De CD van Failed Attempts is te koop via zijn site. Of, zoals Crodian het zelf zegt: ‘you can buy this crap from me if you want. it’s only $3 shipping included.’

Net als vorig jaar gaar Ketelmuziek er even tussen uit. Ik ga de kerst en dit winterweer ontvluchten en ga mijn heil zoeken in iets warmere oorden. Half januari is Ketelmuziek weer terug, met concertverslagen, leuke nieuwe ontdekkingen en meer. Zoals je dat van ons gewend bent.
Tot dan.

MP3 Failed Attempts at Facial Hair – Yes, The World Does Need Another Orgcore Song About Sitting On Porches

Het Allerbeste van 2009 volgens Ketelmuziek

De favorieten van Peter

1 Wilco – Wilco (the album)
MP3 Wilco – You and I

2 Antony And The Johnsons – The crying light
3 Orchestre National de Jazz – Around Robert Wyatt
4 Trembling Bells – Carbeth
5 Evangelista – Prince of truth
6 Animal Collective – Merriweather post pavilion
7 Yo La Tengo – Popular songs
8 M. Ward – Hold time
9 Roosbeef – Ze willen wel je hond aaien maar niet met je praten
10 Lee Patterson – Seven vignettes

De keuze van mijn lijst is sterk beïnvloed door prachtige concerten van de artiesten die ik dit jaar heb bezocht, zoals Antony in Carré, Trembling Bells, Evangelista, Yo La Tengo, M. Ward en Roosbeef. Wilco is de onbetwiste nummer 1, het album klinkt na een paar draaibeurten al tijdloos en is ronduit geweldig, met in het achterhoofd het fantastische optreden van vorig jaar in Paradiso. Dit jaar hebben zij ook op Lowlands en opnieuw in Paradiso gespeeld, maar ik was er zelf niet bij, helaas. Het niveau van de rest van mijn top 10 albums is vrij hoog maar zonder echte uitschieters. Een speciale vermelding voor Roos Rebergen die afgelopen zomer in het Vondelpark een zeer overtuigend concert gaf met haar band. Er waren meer Nederlandse artiesten die met mooie, spannende en originele muziek voor de dag kwamen. Uiteraard Rutger Zuydervelt, al dan niet in de gedaante van Machinefabriek. Verder Moss, De Staat, Corrie van Binsbergen‘s CRAM, The Ploctones, Eric Vloeimans en Knalpot. Buitenlandse afvallers voor een top 10 notering zijn Smog, Monsters Of Folk, The Low Anthem, Peter Hammill, Robyn Hitchcock, The Cave Singers, Port O’Brien en Yoko Ono.

De favorieten van Han

1 Bill Callahan – Sometimes I Wish We Were An Eagle
MP3 Bill Callahan – Jim Cain

2 Phosphorescent – To Willie
3 Cotton Jones – Paranoid Cocoon
4 Daniel, Fred and Julie – Daniel, Fred and Julie
5 Molina And Johnson- Molina And Johnson
6 Dent May & His Magnificent Ukulele -Good Feeling Music of Dent May
7 J Tillman – Vacilando Territory Blues
8 Richmond Fontaine – We Used to Think the Freeway Sounded Like a River
9 Son Volt – American Central Dust
10 Neko Case – Middel Cyclone

Daniel, Fred & Julie sluiten muziekjaar 2009 magistraal af

Ketelmuziek draagt Julie Doiron een warm hart toe, maar dat had je waarschijnlijk al gemerkt.
De Canadese heeft een aantal prachtige albums op haar naam staan en Doiron staat garant voor boeiende live optredens.
Tot mijn grote schrik heb ik bijna haar nieuwste release over het hoofd gezien. Begin december bracht Doiron namelijk een album uit samen Fred Squire en Daniel Romano.
Romano, Squire en Julie kennen elkaar uit de Canadese muziekscene. Zo speelde Fred Squire samen met Julie Doiron toen ik haar eerder dit jaar in Austin, Texas zag en is Squire ook present op het prachtige album Lost Wisdom, dat Julie samen met Mount Eerie opnam.
Squire, Doiron en Ramono troffen elkaar in de garage van Romano en namen daar de tien songs op die te horen zijn op Daniel, Fred & Julie.
Het is een echte folkplaat, met naast twee door Romano geschreven songs een aantal soms stokoude liedjes, zoals de gouwe ouwe Clementine.
Het album heeft een Intieme sfeer, de stemmen van Daniel, Fred & Julie vullen elkaar prachtig aan. Het trio is er ook goed in geslaagd om de spontaniteit van de opnamen door te laten klinken in de liedjes.
Soms denk je dat je naar de Carter Family zit te luisteren, zo af en toe doet de plaat me ook denken aan het werk van de McGarrigle zusjes.
Ik vind Daniel, Fred & Julie een prachtig en hartverwarmedn album. Ik had mijn lijstje met de favoriete CD’s van 2009 al klaar liggen, maar dat moet ik maar snel gaan aanpassen. Veel mooier heb ik ze dit jaar nauwelijks nog niet gehoord.
Bij onze collega Herohill is overigens een uitgebreid verhaal te lezen over de totstandkoming van het album

MP3 Daniel, Fred & Julie – The Gambler and His Bride

Josephine Foster zingt Emily Dickinson

Eén keer heb ik Josephine Foster live gezien en dat was zo’n optreden dat ik me nog goed kan herinneren. En dat is niet alleen omdat er iets over heb geschreven voor Kindamuzik.
Foster trad op voor een handjevol mensen in de bovenzaal van Paradiso.
Tijdens haar optreden was het zo stil in de zaal dat je werkelijk ieder kraakje in het parket van de zaal kon horen.
Josephine Foster is een volstrekt tijdloze verschijning met haar lange haar, jurk en weinig modieuze panty’s. Ook haar liedjes lijken eerder uit de eerste helft van de twintigste eeuw te stammen dan uit deze periode.
Toen ik na het optreden Paradiso wilde verlaten kwam ik terecht tussen de fans die stonden te wachten op het concert van Him, de gothic-light band.Tja, dat was toch wel een soort cultuurschok voor mij.
Ik moest terugdenken aan dat optreden terwijl ik naar het nieuwste album van Foster, Graphic As A Star, luister.
Voor het maken van dit album sloot Josephine zich op in een huisje ergens in Spanje.
Ze had een dichtbundel van Emily Dickinson bij zich en deze vormde de inspiratie voor dit album.
De 28 nummers van Graphic As A Star zijn allemaal op muziek gezette gedichten van Dickinson. Foster’s prachtige stem staat centraal op het album, een aantal van de nummers zijn zelfs à capella.
Het album is in sommige opzichten toegankelijker dan Foster’s eerdere werk.
Vooral songs die wat rijker zijn geïnstrumenteerd, zoals She sweeps with many-colored brooms en Tell as a Marksman-were forgotten, zou je zelfs laagdrempelig kunnen noemen.
Maar Graphic As A Star is zeker geen makkelijke kost. Het is wel weer een fascinerend album van een zangeres die volledig haar eigen pad volgt.

MP3 Josephine Foster – She sweeps with many-colored Brooms

Nieuw album van Or, The Whale

Ergens in die schier eindeloze stroom nieuwe releases kom je ook het nieuwe album van Or, the Whale tegen.
Ik was erg gecharmeerd van hun eerste album Light Poles and Pines en ook deze nieuwe plaat, simpelweg getiteld Or, The Whale, luistert weer lekker weg.
De sound van de band uit San Francisco zou je kunnen omschrijven als een mix van harmonieuze pop en Americana.
Net als op Light Poles and Pines is op dit tweede album van de band in bijna elk nummer een steelgitaar te noemen.
Or, The Whale heeft een paar uitstekende zangers in hun midden en hun harmonieën zijn dan ook prachtig. Songs als Datura, Shasta en Terrible Pain ontroeren en blijven je bij.
Het album bewijst dat de band haar eigen sound heeft gevonden en die sound is een lust voor het oor.
De foto nam ik tijdens een optreden van de band eerder dit jaar in Austin, Texas.

MP3 Or, The Whale – Datura

King Of Prussia- niet het winkelcentrum, maar de band


King Of Prussia is niet alleen de naam van een enorm winkelcentrum in Pennsylvania, maar ook de naam van een erg aardige band uit het Zuiden van de USA. Lang, lang geleden schreven we hier al ‘ns over het debuut King Of Prussia.
Ik moet eerlijk bekennen dat ik ze een beetje uit het oog was verloren na hun album Save The Scene,
Maar in de mailbox van Ketelmuziek duikt opeens een EP van de band op, The Time Of Great Forgetting. Prachtige titel, overigens.
The Time Of Great Forgetting komt in februari 2010 uit op het illustere Kindercore label en op de EP vind je drie songs.
Het is niet vernieuwend of wereldschokkend wat King Of Prussia doet, maar het zijn wel drie erg aardige songs waarin de band op een mooie manier Americana en pop met een psychedelisch randje mengt. Luister maar ‘ns naar Tarrarium.

MP 3       King Of Prussia – Terrarium

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Vetiver en Fruit Bats in Patronaat


Woensdag 9 december konden bezoekers van het Roots of Heaven minifestival op vertoon van hun kaartje gratis naar het Patronaat gaan. Daar speelden in de kleine zaal twee sympathieke bands. The Fruit Bats maakt folky pop a la The Shins. Live klinkt het uitstekend, zanger Eric Johnson komt moeiteloos boven de muziek uit. Hoewel de nummers niet allemaal even catchy zijn als de sterke opener Tegucigalpa en de ballad Feather bed, weten ze toch de aandacht vast te houden. Leuk is ook dat ze een tekstregel van Harry Nilsson gebruiken, tenminste dat meende ik te horen: you can jump into the fire but you’ll never be free. Dat deed mij denken aan Herbie Flowers, de geweldige bassist die Nilsson’s Jump into the fire zo karakteristiek maakt. Na de pauze was Vetiver aan de beurt. Dezelfde bezetting als The Fruit Bats, zang/gitaar, gitaar, toetsen en een ritme sectie, maar wel minder voorspelbaar. Zij verwerken meer folk en country elementen in hun songs en spelen ook een nummer van Townes van Zandt. Voor een stukje rock and roll ergens tussen Buddy Holly en The Tee Set (Don’t you leave) in deinzen ze niet terug. Door de gevarieerde opzet slaagt Vetiver er beter dan The Fuit bats in om te boeien: wat zouden ze nu weer gaan doen? Dankzij de ontspannen sfeer en een redelijke opkomst van pakweg 50 bezoekers was het een geslaagde avond. Met Vetiver als de grootste verrassing voor mij.
De Roots of Heaven avond op 28 november in het Patronaat telde trouwens twee prima optredens. Gurf Morlix vertelde prachtige anekdotes, strooide met levenswijsheden en maakte indruk met zijn zang en gitaarspel. De band van Anne Soldaat was goed op dreef en ging er bij vlagen stevig tegenaan met geïnspireerd gitaarwerk. Daarna had Lightning Dust moeite om met hun langzame en enigszins dromerige songs de eenvormigheid te vermijden. Als je in de stemming bent voor melancholieke droneachtige folkrock is dat geen bezwaar, maar het had allemaal iets pittiger gekund. Niettemin een boeiend minifestival met een goede mix van stijlen waar de nieuwsgierige concertganger waar voor zijn geld kreeg, plus gratis toegang tot (zie boven).

MP3 Vetiver – You May Be Blue (live)

Inspirerende festivals (2): Crossing Border, 20 en 21 november 2009


Bij een kampvuur dat is ontstoken voor de ingang van galerie Quartair leest Richard Milward een humoristische passage voor uit een van zijn boeken. Even later zingt Jim White twee liedjes, gezeten bij het knapperende vuur. Binnen hangen foto’s en kunstwerken van Richard, Jim, Kathe Burkhart, die dit jaar de festivalposter heeft gemaakt, en Kevin Cummins. De laatste heeft Manchester bands gevolgd en gefotografeerd zoals The Smiths, Joy Division, Stone Roses, Oasis en Happy Mondays. Tijdens het festival wordt een filmcollage vertoond van zijn werk, voorzien van een speciale soundtrack door Graham Massey. Na afloop praat Paul Morley met Kevin over de betekenis van Manchester voor popmuziek en zijn eigen betrokkenheid bij de stad. Ik weet niet of je de muziek van deze bands moet kennen om zijn verhaal te waarderen, maar de essentie is dat er een paar culturele gangmakers moeten zijn die een stad op de kaart zetten. iemand als Tony Wilson die het Factory label start, een club opent en bands aanmoedigt om zich te ontwikkelen. Paul Morley is als journalist ook vanaf het begin als een chroniquer betrokken en ik herinner mij zijn soms ellenlange stukken in de NME over Joy Division en Cabaret Voltaire. Anyway, mooi om hem in levende lijve te zien. Ik vind zijn boek Words and music uit 2003 geweldig, geniaal gaat net iets te ver, maar wat een schrijver is die man. Aanbevolen voor mensen die benieuwd zijn wat Kylie Minogue’s Can’t get you out of my head en Alvin Lucier’s minimal stuk I am sitting in a room in vredesnaam met elkaar te maken hebben. Om nog maar te zwijgen van de connectie met Kraftwerk, Merzbow en vele honderden andere artiesten die in ontelbare lijstjes worden opgesomd. Een andere befaamde Engelse muziekjournalist, vooral uit de jaren 70 en 80, Nick Kent, is ook aanwezig. Van hem staat een nog niet eerder gepubliceerd verhaal over Nick Drake uit 1978 in een nieuw, prachtig vormgegeven tijdschrift Loops dat op Crossing Border verkrijgbaar is. Ik heb nog niet alles gelezen maar het enthousiasme voor muziek straalt ervan af. Richard Milward dompelt zich in zijn bijdrage onder in de psychedelische trips van Spacemen 3, met en zonder drugs. Zoals ik wel eens iemand hoorde vertellen dat als je stoned bent The Grateful Dead de allerbeste muziek maakt, zo weet Spacemen 3 met beperkte akkoordenwisselingen een sfeer op te roepen van psychedelische visioenen. Titels als Walking with Jesus, Transparent radation en een tekst als ‘this is the sound of confusion’ illustreren dat. Later gingen de leden hun eigen weg in Spritualized, Sonic Boom en E.A.R. Om bij psychedelica te blijven, de band Sleepy Sun speelt zaterdag slepende songs met uitgesponnen gitaargolven die teruggrijpen op de jaren 60 en 70, hardrock, blues met stonerrock elementen. Zangeres Rachel Williams zorgt voor de rustpunten met haar zang en fluitspel. Sleepy Sun klinkt live behoorlijk ruig en vult de grote zaal van het Nationale Toneelgebouw met gemak. Hetzelfde geldt voor Steve Earle met louter zang, gitaar en mondharmonica. Zijn uitvoeringen van Townes Van Zandt songs klinken prima en zijn anekdotes zijn prachtig, bijvoorbeeld over een zoektocht naar de herkomst van een song. Hij belandt uiteindelijk bij een 96-jarige bluesman die hem verteld dat hij het lied van Steve heeft geleerd!
Het aantal mooie festivalmomenten is moeiteloos uit te breiden, maar ik beperk mij tot boeiende sessies met schrijvers Kevin Canty en James Kelman, folkzangeres Laura Marling met haar intieme songs in de nok van de Koninklijke Schouwburg (Paradise) en de sympathieke gitarist James Yorkston die ook een bijdrage over “life on the road” heeft geschreven voor Loops. Op het gevaar af eentonig te klinken, toch moet ik even kwijt dat het openingsconcert op vrijdagavond van Yo La Tengo opnieuw bewees dat de band extreem dynamisch is en hard en zacht op een onnavolgbare manier afwisselt. Ze spelen veel werk van het nieuwe album Popular songs en oudere zoals Sugarcube en Julie Christie. Bijzonder goed, meeslepend, subtiel, gruizig, af en toe snoeihard om meteen daarop abrupt terug te schakelen naar een fluisterzacht nummer. Daar steken andere bands op Crossing Border toch wat bleekjes bij af. Kortom, een uitstekende editie van het festival en ik doe hetzelfde als organisator Louis Behre tijdens de tijdens de presentatie bij galerie Quartair: de duim omhoog.

De Fruit Bats, Vetiver en Laura Gibson zijn komende week in ons land voor optredens

Fruit Bats – “Ruminant Band” from Townhall on Vimeo.

Ik kan me niet herinneren dat de Fruit Bats ooit eerder in Nederland zijn geweest. Ik heb ze in ieder geval nog nooit live gezien, ook niet inde USA.
Maar goed nieuws: komende woensdag staan de Fruit Bats in het Patronaat in Haarlem en op zaterdag 19 december is de band te zien in de kleine zaal van Paradiso.
Ik ben erg benieuwd hoe de band het er live vanaf brengt, al moet ik eerlijk zeggen dat ik licht teleurgesteld was door hun laatste album The Ruminant Band.
Behalve de Fruit Bats is ook Vetiver te zien in het Patronaat. Dat is weer een extra reden om naar Haarlem af te reizen. Ook al heeft Kevin Barker me laten weten dat hij voor deze tour geen deel uitmaakt van de band.
En als je Laura Gibson nog of nóg een keer zou willen zien dan krijg je komende dinsdag 8 december en woensdag 9 december nog een kans.
Op dinsdag staat de altijd charmante zangeres in Ekko en op woensdag in Vera. Deze keer heeft ze een band meegenomen.
Het wordt nog een drukke week.

MP3 Fruit Bats – Another E’Quake

Inspirerende festivals (1): November Music in Den Bosch


Het volgen van de Kunstmuziek Route tijdens een zondagmiddag Den Bosch brengt mij weer helemaal up to date met de laatste culturele ontwikkelingen. En dat is niet ironisch bedoeld, want er is nog heel veel nieuwe muziek te ontdekken. Je moet er alleen wel wat voor doen. Vanaf het station loop ik naar de Verkadefabriek om mijn polsbandje te halen. Voor 7,50 zijn alle activiteiten op de kunstroute toegankelijk. In de Verkadefabriek is de opera Eben Gabraan van Rasheed Al-Bougaily te beluisteren. De met Arabische zang en muziek wordt uitgevoerd door het Nieuw Ensemble en VocaalLAB Nederland. Uitstekende zang en afwisselende klanken zorgen voor de eerste verrassing van de middag. Dat het festival grensoverschrijdend is wordt geïllustreerd door de samenwerking met buitenlandse partners zoals MaerzMusik Berlijn, Jazz d’Or Strasbourg en Le Weekend Stirling. Van het laatste festival is de enthousiaste directeur en organisator Alasdair Campbell aanwezig. Mede dankzij hem kan het publiek een bijzonder project meemaken in het voormalige huis van bewaring. Het is een elektronica improvisatie (Shifting currents) van de Schot Bill Thompson waaraan Keith Rowe en Rick Reed meewerken. Er mogen maar zo’n 50 bezoekers naar binnen, die via een lange gang en een aantal metalen trappen naar een gymnastiekzaal in de nok worden gedirigeerd. Daar aangekomen gaan de lichten uit en beginnen de drie muzikanten zachtjes hun apparatuur te bewerken. Je ziet alleen de lampjes op hun tafels met laptop, tabltopgitaar en analoge synthesizer branden. Spannende soundscapes zijn het resultaat. In Stirling heb ik het trio aan het werk gehoord in de plaatselijke kerk, en ook daar was het publiek muisstil. Een verademing, zo hoor je zelfs het geringste zuchtje dat tevoorschijn wordt getoverd. De derde verrassing van de dag en misschien wel het hoogtepunt was de indrukwekkende installatie Extended Play van Janek Schaefer. Ik kan navertellen wat er te zien is en welke muziek je hoort maar dat verklaart niet waarom het zo aangrijpend is. Door te putten uit zijn eigen familiegeschiedenis die loopt van Warschau in de Tweede Wereldoorlog tot het huidige Londen weet hij heden en verleden te koppelen met behulp van een muziekstuk voor negen grammofoonspelers in houten kasten en even zovele vinylplaten. De melancholieke klanken van cello, viool en piano draaien letterlijk en figuurlijk rondjes. De bezoeker kan rondlopen en zijn eigen geluidservaring creëren. Zoals ik al zei, je moet er wel wat voor doen, daar in Den Bosch!