Chris Knox krijgt een zetje in de rug van Will Oldham, Lambchop, Mountain Goats en andere collega’s

Chris Knox is een van de centrale figuren in de muziekscene van Nieuw-Zeeland.
Samen met Alec Bathgate vormde hij de Tall Dwarves en hun releases op Flying Nun, het toonaangevende Nieuw-Zeelandse label, waren bepalend voor het geluid van eiland.
Naast zijn werk met de Tall Dwarves bracht Knox ook nog een flinke hoeveelheid solomateriaal uit.
In juni van dit jaar kreeg Chris Knox een beroerte. De laatste berichten zijn dat de beroerte in ieder geval zijn spraakvermogen heeft aangetast. Knox kan dus absoluut wat steun gebruiken.
En die steun komt in de vorm van het album Stroke waarop muzikanten als Will Oldham, Stephen Merritt, Bill Callahan, Lambchop, Lou Barlow en Yo La Tengo nummers van Knox coveren. En dat is nog maar een greep uit de grote namen die je op de twee CD’s van Stroke tegenkomt.
Naast de grote namen van de pop en indie komen ook landgenoten en tijdsgenoten van Knox zoals de Chills, Verlaines, David Kilgour en de Bats langs. Ook Alec Bathgate laat van zich horen en heeft ook de hoes ontworpen.
Stroke komt in februari 2010 uit bij Merge, maar is na al online in Nieuw-Zeeland te bestellen of bij iTunes te vinden.
Ook al ben ik absoluut geen expert op het gebied van de Nieuw-Zeelandse scene, veel songs van Stroke brengen mij toch fijne herinneringen terug aan de Flying Nun- verzamelaars waar ik ooit graag naar luisterde.
Stroke is een prachtig document dat je niet aan je neus voorbij mag laten gaan. En de opbrengsten gaan natuurlijk naar Knox zelf.

MP3 Mountain Goats – Brave

De Kewi´s: Life is Like a Penguin- Always Black and White

Onlangs was ik weer ‘ns op de Mega Platen en CD Beurs in Utrecht. Het is opvallend wat je toch allemaal voor rotzooi voorbij ziet komen in de bakken.
De meest absurde dingen worden op CD uitgebracht. Dan doet het pijn dat je soms zo lang moeten wachten tot bepaald materiaal eindelijk op een zilveren schijfje verkrijgbaar is.
Zo heb ik eindeloos moeten wachten tot Hermine’s The World on My Plates eindelijk, met dank aan LTM, ook op CD beschikbaar was.
En Innerstate Records verraste me een paar jaar geleden met de heruitgave van het werk van 28th Day, de eerste band van Barbara Manning. Ik zit nu nog met smart te wachten op de heruitgave van het werk van Pink Industry.
Maar op de platenbeurs kwam ik tot mijn grote vreugde zowaar een CD tegen met al het werk van de Kewi’s. Ik had eerlijk gezegd niet verwacht dat het werk van de Kewi’s ooit op CD uit zou komen, maar daar stond ‘ie toch echt: Kewi’s Komplete.
Kees Maas en Willem Wisselink vormden de Kewi’s en in de vroege jaren ´80 brachten ze twee EP´s en twee LP´s uit.
Wisselink stond samen met Johan Visser aan de bron van het label 1000 Idioten. De naam is snel verklaard- vind 1000 idioten die je muziek kopen en je bent uit de kosten.
Dat tekent wel de spirit van die tijd. Behalve het werk van de Kewi´s bracht Idiot Records, zoals het label later ging heten, ook de eerste LP´s van Fay Lovsky en Mathilde Santing uit.
Een deel van de songs van de Kewi’s heeft de tand des tijds niet doorstaan en zo hier en daar zijn hun liedjes wel erg lullig en oubollig, maar ik vind het een plezier om na al die jaren Cuba, Life is Like a Penguïn, Monument en The Lonely Little Accordion weer ´ns te horen.
De muziek van de Kewis’s heeft een speelsheid, zowel muzikaal als tekstueel, die je tegenwoordig jammer genoeg nog nauwelijks in de Nederlandse pop tegenkomt.

MP3 Kewi’s – Life is Like a Penguin

Alweer een CD met covers van Townes Van Zandt

De erfenis van Townes Van Zandt lijkt in goede handen te zijn van mannen als Steve Earle en Guy Clark. Dat zagen we onlangs nog, toen Steve Earle tijdens zijn optreden op Crossing Border vooral putte uit de songs van zijn laatste album Townes.
Maar ik vraag me wel eens af of jongere generaties de muziek van Townes Van Zandt oppikken, zoals steeds weer een jongere generatie de albums van de Doors en Joy Division herontdekt.
Het album met de wat onhandige titel Introducing Townes Van Zandt Via The Great Unknown doet een dappere poging om het werk van Van Zandt ook onder dertigers en misschien wel twintigers bekend te maken. Maar ik twijfel er eerlijk gezegd aan of dat gaat slagen.
En ook al slaagt het niet, dan hebben we er in ieder geval een leuke CD aan over gehouden.
Alle Townes- klassiekers komen langs op deze verzamelaar, van To Live is To Fly, Lungs, Loretta, If I Needed You en tot, hoe kan het ook anders, Pancho and Lefty.
De mooiste momenten komen voor rekening van Ketelmuziek-favorieten als J. Tillman en de Great Lake Swimmers, maar ook Kevin Tihista, leuk om weer´ns wat van hem te horen, de Be Good Tanyas, Kate Maki en Stephen Duffy brengen het er goed van af.
Opvallend is dat de uitvoeringen vaak dicht bij het origineel blijven. Eigenlijk proberen alleen het Australische Telafonica en Jad Fair een andere aanpak, iets anders hadden we natuurlijk niet verwacht van Jad Fair Hun uitvoeringen zijn gedurfd, maar ik ben bang dat de originelen zo in mijn geheugen gebrand zijn dat ik toch wat moeite heb met deze afwijkende uitvoeringen.

MP3 J. Tillman – My Proud Mountains

Kevin Barker: van Currituck Co . via Vetiver naar You & Me

Kevin Barker is een van de sleutelfiguren van de alt folk, freak folk of hoe je het ook wil noemen.
Barker bracht een handjevol mooie, maar niet erg toegankelijke albums uit onder de naam Currituck Co. En hij speelde mee op albums van Joanna Newsom, de Ladybug Transistor en Antony and the Johnsons.
De afgelopen periode maakte Barker ook deel uit van Vetiver. Misschien heb je Kevin Barker nog wel tijdens optredens van Vetiver naast Andy Cabic zien staan.
Toen Barker de tijd vond om weer ‘ns een album op te nemen vroeg hij zijn muzikale vrienden om een wederdienst.
En ze spelen bijna allemaal mee op You & Me: Otto Hauser van Vetiver, Gary Olson van de Ladybug Transistor en natuurlijk Joanna Newsom, aangevuld met onder andere zangeres Lily Chapin (inderdaad, familie van Harry).
De albums van Currituck Co zijn voor mij niet altijd even toegankelijk omdat Barker op deze platen zijn fascinatie voor gitaristen als John Renbourn en Bert Jansch volledig laat gaan.
Maar een aantal jaren in dienst van Vetiver lijken Barker goed te hebben gedaan. Althans, zo zie ik het.
De songs op You & Me zijn poppy, gevoelig, bijna liefelijk. Barker blijft natuurlijk een fantastische gitarist en hij mag zich lekker uitleven in Walking Along en Little Picture of You.
Vooral in de drie bonussongs hoor je dat hij Barker die Bert Jansch-fixatie nog steeds niet kwijt is. You & Me is een verrassend fijne plaat.
Op 9 december staat Vetiver op het podium van het Patronaat, samen met de fantastische Fruit Bats.

MP3 Kevin Barker – Little Picture of You

Terugkijken op Crossing Border en nieuw materiaal van de Wingdale Community Singers

Crossing Border 2009 zit er weer op. Ik ben vrijdag en zaterdag naar Den Haag gereisd en kan terugkijken op twee geslaagde avonden.
Al ben ik steeds niet echt gewend aan de locatie- De Koninklijke Schouwburg. Al die massa’s die de trappen van het statige gebouw op moeten, een grote zaal die niet echt ideaal is voor popconcerten. Tel daarbij op dat het gebouw veel en veel te vol gestopt wordt. Iets minder kaartjes verlopen is misschien een goede suggestie voor volgend jaar.
Met weemoed denk ik terug aan de edities van het festival in het Theater aan het Spui. En zelfs de edities in het Haagse Congresgebouw en in de Amsterdamse Melkweg bevielen me beter dan de volgestouwde Schouwburg. Al was het festival toen natuurlijk iets minder groot van opzet.
Zo moest ik dit weekend even terugdenken aan de mooie optredens die ik in en buiten het Theater aan het Spui zag van Richmond Fontaine, de Decemberists en Aberfeldy.
En laat ik de Wingdale Community Singers niet vergeten. De band rond Hannah Marcus, David Grubbs en Rick Moody trad in 2006 in Den Haag op. Dit is een band die het idee achter Crossing Border belichaamt. Moody is namelijk behalve muzikant ook een gevierd romanschrijver.
De Wingdale Community Singers brachten onlangs een tweede album uit, Spirit Duplicator.
Spirit Duplicator is wat moeilijk te doorgronden. De songs zijn op het eerste gehoor erg netjes en het album hobbelt een beetje voort zonder dat er echte uitschieters zijn. Maar na een paar keer draaien komen de mooie melodieën en vooral prachtige tekstfragmenten wel bovendrijven.
Luister maar ‘ns naar songs als Rancho de la Muerte en Montreal.
Het is bijzondere club muzikanten die je hoort op Spirit Duplicator.
Rick Moody is behalve een veelgeprezen schrijver ook uitstekende zanger en gitarist. David Grubbs maakte deel van illustere bands als Bastro en Gastr del Sol en bracht een handjevol mooie solo-cd’s uit. Nina Katchadourian is een nieuw gezicht in de Singers, maar haar zang en accordeonspel geven Spirit Duplicator extra kleur. Ik ben een groot bewonderaar van Hannah Marcus en Marcus is hier goed op dreef, niet alleen als zangeres, maar ook als songschrijver en muzikant.
Je moet wel wat moeite doen voor Spirit Duplicator, maar dan heb je ook een album waar je niet snel genoeg van zal krijgen.

MP3 Wingdale Community Singers – Tears in My Tequila

White Pines: meer moois uit Michigan

Een weblog als Ketelmuziek levert een bomvolle mailbox op.
Elke dag komt er mail binnen van artiesten, labels en distributie-bedrijfjes met de vraag of Ketelmuziek aandacht wil besteden aan een CD, video of optreden.
Tussen die verzoekjes zit veel rotzooi, zo ben je bij ons aan het verkeerde adres als het om dance, metal of funk gaat, maar het blijft de moeite waard om de mailbox door te ploegen. Zo heel af en toe levert het namelijk iets moois op. Zoals White Pines.
Via de mail ontving ik de EP Face Made of Wood en dat is een prachtig plaatje dat absoluut onze aandacht verdient.
Joseph Scott is de man achter White Pines. Scott speelde mee tijdens optredens van Cotton Jones en was een van de leden van Canada. Ik was erg gecharmeerd van het album This Cursed House van Canada, een erg Google-onvriendelijke bandnaam, maar Canada verdween na die plaat weer snel uit het zicht.
Face Made of Wood mist het speelse van This Cursed House- dit is echt materiaal dat Scott in de privacy van zijn eiegen huis opnam. Als je vergelijkingen zoekt kom je uit op het solo-werk van Fred Thomas van Saturday Looks Good to Me en de albums van Joel Phelps.
Zoals je al begrijpt ben ik erg onder de indruk van de vijf sfeervolle songs van Face Made of Wood. De EP bewijst maar weens hoe rijk de muziek-scene in Michigan is, die ons behalve Canada ook Chris Bathgate, Saturday Looks Good to Me en Frontier Ruckus opleverde, om zo maar wat namen te noemen.

MP3 White Pines – Foot of the Cross

Pants Yell! steviger en beter dan ooit.


Wat een te gekke CD is dat toch, Recieved Pronunciation van Pants Yell!.
Het schijfje draait nu de hele avond in mijn CD-speler rond en ik lijk er maar geen genoeg van te kunnen.
Op dit album met de onuitspreekbare titel klinkt Pants Yell! net even iets venijniger dan op de vorige albums. En dat staat ze goed.
De stem van Casey Keenan klinkt even heerlijk zeurderig als altijd. Hij heeft zo’n stem waarvan je denkt: wat is er toch mee aan de hand? En ondertussen raak je gebiologeerd door de stem. Volgens mij heeft Frans Bromet dat ook wel een beetje, maar die zingt dan weer niet.
De gitaren zijn net iets steviger aangezet dan op Alison Statton, het vorige album, maar de songs zijn sterk als altijd.
Pants Yell! lijkt voor ieder nieuw album naar een ander label te verhuizen. Nu zijn ze aangekomen bij Slumberland, een label dat ijzersterk is in indie-pop. Behalve Pants Yell! vonden ook The Pains of Being Pure at Heart en Brown Recluse onderdak bij het label uit Oakland, California.
Met Pants Yell! heeft Slumberland een echte klapper in huis gehaald.
Mis vooral de prachtige clip van Someone Loves You niet, die bij mij herinneringen aan de gouden tijden van Weezer terugbrengen.

MP3 Pants Yell! – Cold Hands

Lake maakt misschien wel de leukste plaat van dit moment

Het zijn weer drukke tijden met nieuwe releases. Zo komen er in deze periode fijne nieuwe CD’s uit Ola Podrida, Pants Yell, Brown Bird en de Wingdale Community Singers en dan zal ik ongetwijfeld nog wat releases over het hoofd zien.
Een CD die op dit moment niet uit mijn CD-speler te branden is is die van Lake.
Hun nieuwste album Let’s Build a Roof is een fascinerende plaat met eindeloos veel aspecten.
Als ik de recensies doorlees kom ik namen tegen als Camera Obscura en Belle and Sebastian.
Natuurlijk heeft Let’s Build a Roof elementen van de twee-pop, het geluid van de band heeft wel iets liefelijks, maar je moet vooral ook in de gaten houden dat Lake uit Olympia, Washington komt, een plaatsje dat alleen maar door muzikanten bewoond lijkt te zijn. En dat zijn over het algemeen eigenzinnige muzikanten, zoals Phil Elverum en Karl Blau, die hier overigens de productie voor zijn rekening nam.
Let’s Build a Roof is een album dat als een steeds weer nieuwe aantrekkelijke beelden tevoorschijn tovert, van het subtiel swingende Gravel met fijne blazers en mooie zang van Lindsay Schief tot het licht stuiterende Madagascar.
Behalve Lindsay Schief krijgen we ook nog Eli Moore en Ashley Eriksson te horen en die afwisseling van stemmen is een van de vele dingen die dit album zo lekker maakt.

MP3 Lake – Remote Control Cars

Toch weer een teken van leven van Ola Podrida

Ik had niet verwacht ooit nog iets van Ola Podrida te horen.
De belangrijkste man van de band, David Wingo, dook namelijk op op het album van de Wooden Birds en ik ging er van uit dat dit het einde van zijn andere band zou betekenen.
Maar nee dus, Ola Podrida is springlevend en brengt nu een nieuw album uit via Western Vinyl.
Ik moest even wennen aan Belly of the Lion.
Belly of the Lion is duidelijk meer psychedelisch dan het debuut van de band. Helaas zijn de songs ook minder sterk en is Wingo over het algemeen vocaal iets minder op dreef.
Zo heel af en toe weet de band de pracht van het debuut te benaderen, zoals in Lakes of Wine en Sink or Swim.
David Wingo heeft inmiddels naam gemaakt als componist van film-soundtracks en het geluid van Belly of the Lion heeft absoluut iets filmisch. Dat hoor je ook zonder iets te weten over Wingo’s achtergrond.
Belly Of The Lion is zeker geen slechte plaat, het album kent een paar prachtige momenten, maar mijn verwachtingen zijn na het debuut van de band zo hooggespannen dat Wingo daar nauwelijks aan kan voldoen.
De foto maakte ik vorig jaar in Austin, Texas. Wingo (met baard) trad daar zo vaak op dat hij op een bepaald moment zo schor was als een kraai.

MP3 Ola Podrida – The Closest We Will Ever Be