The Bats in Nederland voor één optreden


Je moet goed kijken, maar het staat daar toch echt in de concertagenda

6 juni The Bats Winston Kingdom, Amsterdam

En na wat zoekwerk blijkt dat het niet een of ander Nederlands bandje is dat zich The Bats noemt, zoals deze, maar het gaat hier daadwerkelijk om de legendarische Nieuw-Zeelandse Bats.
Nou gaat men in de popjournalistiek wel erg gemakkelijk om met de term legendarisch, maar The Bats mag je met recht legendarisch noemen.
De Bats begonnen begin jaren ’80 als een spin off van The Clean, ook al zo’n onvergetelijke Nieuw-Zeelandse band. Ruim vijfentwintig jaar en een handvol CD’s later heeft de band nog niets van zijn kracht verloren. In de loop der jaren heeft de band een heel eigen geluid ontwikkeld, lekker ‘jangly’ en met een onmiskenbaar Nieuw-Zeelands karakter.
Ik kwam de band een paar jaar gelden op het spoor toen ze een album uitbrachten op Magie Marker, een van die labels die ik niet uit het oog verlies. Het meest recente album van The Bats, Guilt Office, kwam begin dit jaar uit en is ook weer een feest voor de oren. Sattelites is afkomstig van dit album.
Zorg er dus voor dat je zaterdag 6 juni vrijhoudt in je agenda.

MP3 The Bats – Sattelites

Dwarsfestival 23 mei


Het was weer variatie troef op de negende editie van VPRO’s Dwarsfestival. De ukelele van Peter Delaney, de cello en het uitrolbare (!) toetsenbord van Aaron Martin, de banjo die Dwars voor Micah Blue Smaldone had opgeduikeld en eigenzinnige progfolk (welja) van de bands United Bible Studies en Big Eyes Family Players. Zoals altijd was het publiek muisstil om maar niets te missen van de optredens. Ik was vooral verrast door Martin’s klankexperimenten die hij moeiteloos en zonder ingewikkelde apparatuur wist uit te bouwen tot golvende soundscapes. Op cd klinkt zoiets vaak minder spannend maar met het optreden in het achterhoofd is zijn album River water meer dan de moeite waard. Toch was het Smaldone die voor het mooiste moment van de avond zorgde. Het was hem opgevallen dat Amsterdam nogal wat invloeden uit Jamaica kent (een verwijzing naar de coffeeshops?), dus het leek hem wel toepasselijk om een bekende reggaesong te spelen. Dat werd het prachtige Fisherman van The Congos, het openingsnummer van hun album Heart of The Congos uit 1977. Zoals Smaldone het speelde werd het een folksong die nog mooier klonk dan de originele versie. Chapeau. Alle optredens van deze geslaagde avond zijn binnenkort te horen op de Dwarssite van de VPRO.

Sharon Van Etten


De mensen die bij het optreden van de Great Lake Swimmers in Roepaen waren hebben al een glimp op kunnen vangen van Sharon Van Etten. Deze dame met de Nederlands-klinkende naam verzorgde daar namelijk het voorprogramma voor de band van Tony Dekker.
Op 26 mei, volgende week dus, brengt Sharon haar debuut Because I Was in Love uit. Het album komt uit op Language of Stone, het label van Greg Weeks. Je weet wel, de man van Espers.
Er zijn al een paar nummers van het album te beluisteren bij een van onze collega’s en die songs klinken veelbelovend.
Sharon van Etten zit duidelijk in de alt-folk hoek. Dat kan ook nauwelijks anders als Greg Weeks een flinke vinger in de pap heeft. Maar anders dan bijvoorbeeld Meg Baird of Josephine Foster liggen de invloeden van de Britse folk van Shirley Collins en Anne Briggs er bij Van Etten niet duimendik op.
Van Etten creëert haar eigen intieme universum waarin ze je graag verwelkomt.

MP3 Sharon Van Etten – Consolation Prize

The Low Anthem: grote hoogten


De avond, dinsdag 19 mei, begon al goed voordat ik een noot had gehoord omdat ik gratis naar binnen mocht. Ik stond voor het eerst op de gastenlijst van Paradiso. Er speelden zes bands waar ik nog nooit van had gehoord, op A Hawk And A Hacksaw na dan. Het werd een afwisselende avond zonder echte uitschieters. Dacht ik. Maar zie, de laatste band zorgde voor het niet meer verwachte hoogtepunt. De naam is The Low Anthem, afkomstig uit Rhode Island. De songs schieten van schreeuwende blues naar soulvolle country en folk en de instrumentatie is nog gevarieerder. Wat te denken van pump organ, klarinet en een met strijkstok bespeelde klankschalen (?). En wat een fantastische geluiden wist Jeff Prystowksy uit zijn staande bas te halen. Elk nummer was raak. Het album Oh my God, Charlie Darwin verschijnt volgende maand opnieuw (ditmaal op het Nonesuch label) en The Low Anthem speelt op 4 juli samen met M. Ward in Tivoli. Of Ben Knox Miller (zang, drums, gitaar, mondharmonica) dan ook twee mobieltjes met elkaar laat communiceren weet ik niet, wel dat deze veelzijdige band laat horen hoe binnen vaste genres de grenzen worden verlegd. Ik was zeer onder de indruk, net als de andere enthousiast applaudisserende bezoekers. Van de andere bands mogen Pit Er Pat, A Hawk And A Hacksaw en Ohbijou niet onvermeld blijven. Pit Er Pat, een duo bestaande uit een zangeres/gitariste en een drummer die de electronische ritmes in gang zette, speelde een soort donkere electropop, af en toe à la Portishead. De virtuoze Balkanklanken van A Hawk And A Hacksaw uit New Mexico imponeerden, maar alleen de langzamere nummers wisten bij mij een gevoelige snaar te raken. Mooi geluid van de viool met fonograafhoorn trouwens. Ohbijou klonk vooral sympathiek met hun dromerige songs. Maar het echte hoogtepunt kwam dus pas met The Low Anthem.

MP3 The Low Anthem – Charlie Darwin

Wat doen we met hemelvaartsdag?


Rare weken zijn dit eigenlijk, met al die “feestdagen”. Ik blijf me er over verbazen dat anno 2009 de totale Nederlandse economie plat gelegd wordt omdat het, zoals men dat noemt, Hemelvaartsdag is. Kan dat niet anders in een land waar de ontkerking maar door lijkt te gaan, vraag ik me dan af.
Het enige voordeel van al die vrije dagen is dat we nog wat energie en tijd overhouden om bands te zien. En rond hemelvaartsdag is er weer veel moois te zien.
Zo is komende donderdag, vrijdag en zaterdag Snailhouse in Nederland voor wat shows. Ik heb van Mike Feuerstack, de man van Snailhouse, begrepen dat dit solo-optredens zijn.
Donderdag 21 mei speelt Snailhouse in Paradiso als voorprogramma van The Acorn, vrijdag 22 mei mag Feuerstack openen voor Cryptacize in het Utrechtse Db’s.
The Acorn en Cryptacize zijn beide interessante en sympathieke bands en met een voorprogramma als Snailhouse kunnen die avonden eigenlijk niet kapot.
Op zaterdag 23 mei speelt Snailhouse ergens in Nieuwegein. Meer informatie heb ik nog niet, maar als die informatie er wel is lees je het hier.
Maar er is nog meer te doen. Zo speelt Jason Lytle van Grandaddy op donderdag 21 mei in Tivoli de Helling en op vrijdag in Doornroosje.
De Americana-liefhebbers kunnen terecht bij Eliza Gilkyson, die een toertje doet in ons land.
Tenslotte zijn de Bowerbirds (foto) op vrijdag en zaterdag in respectievelijk het Groningse Vera en in de bovenzaal van Paradiso te zien. De band komt het nieuwe album Upper Air presenteren.
Ik heb Upper Air nu een keer kunnen beluisteren en zo op het eerste gehoor biedt de plaat dezelfde hoge kwaliteit als het debuut Hymns for A Dark Horse.
Alleen jammer dat Beth Tacular hier vocaal wat minder aanwezig is dan op het debuut.
Upper Air komt pas begin juli uit, dus ik betwijfel of de band al exemplaren van de plaat bij zich heeft.

MP3 Bowerbirds – House of Diamonds

Slecht nieuws


Erg slecht nieuws, durf ik wel te zeggen. De Lucksmiths stoppen er mee.
Dit is op hun site te lezen:

Dear Friends,

There’s no easy way to put this, so please accept our apologies for the seemingly abrupt nature of this post. We are saddened to announce that after sixteen years as The Lucksmiths, the band has decided to break up.

The last few years have been an uphill battle in many ways, so this isn’t a hasty decision based on any falling-out between band members, but rather, an acceptance of the inevitable. This decision was finally reached a few months back, so we’ve had plenty of time to let it sink in.

We had tried to operate the band in a way that would suit all of us, but at the same time we’ve been very conscious that too much compromise would in the end affect our creative output. We’re very proud of the music we make, and we certainly didn’t want it to start stinking. So, in taking our cues from Devo, we’ve decided to whip the proverbial cream before it sits out too long.

We’re really excited about our upcoming European tour, and have booked some Australian dates for our “farewell tour” in August. The details for these shows are in our gig guide. We really hope to see as many people at these shows as possible, as we will be playing super long sets, cramming in as many old favourites as possible.

We must apologise for not making it back to the USA, Canada, Japan, New Zealand or Singapore, or to the other amazing European countries we’ve previously visited — and for never having made it to the other fifty or so countries we’d hoped to tour one day.

We really want to thank you all, especially the wonderful people who’ve helped us out in any way, and anyone who’s listened to our music or come to a show. We’ve loved having you in our world and we will miss you dearly.

xo The Lucksmiths

In de zestien jaar heeft de band een flinke hoeveelheid prachtige muziek geproduceerd.
Muziek waar ik steeds weer op terug kan grijpen, maar ik zal het missen dat ik niet meer uit kan kijken naar nieuw materiaal van de band van Tali White en zijn maten.
Laten we hopen dat er nog wat niet uitgebracht tevoorschijn komt.
Voorlopig troost ik me maar met die gedachte en met het idee dat we voor de heerlijk vanzelfsprekend klinkende vocalen van Tali White ook nog bij de Guild League terecht kunnen.
Ik kan me niet herinneren dat de Lucksmiths ooit in ons land hebben opgetreden. En dat zal dus ook niet meer gebeuren. Voor hun laatste tour reist de band met ene grote boog om Nederland heen. Zo is de band in juli en juli wél te zien in onder andere Hamburg, Berlijn, Londen, Stockholm, Barcelona en Madrid. Het volledige tourschema vindt je hier.
Ik ben blij dat ik ze ooit in de Knitting Factory in New York aan het werk heb gezien.
Het nummer hieronder is afkomstig van een van de twee CD’s die bij deel 4 van het blad The Lifted Brow zit. Hier hebben we al ‘ns eerder geschreven over dit bijzondere tijdschrift.

MP3 The Lucksmiths – The World of Professional Golf 1994

Trembling Bells


Goede folkmuziek klinkt alsof ze er altijd al is geweest. Het klinkt bekend en toch is het nieuw. Voorwaarde is wel dat de nummers in het geheugen blijven zitten. Van de nieuwe lichting bands die folkinvloeden in hun muziek verwerken, zoals Akron/Family, Espers, beklijft weinig omdat de songs niet sterk genoeg zijn. Of de band Trembling Bells een blijvende indruk maakt weet ik nog niet, maar na een paar luisterbeurten klinkt hun album Carbeth veelbelovend. Drummer Alex Neilson ken ik als een formidabele kracht in het Tight Meat Duo (met David Keenan op sax) en als begeleider van onder meer Jandek. Allemaal muziek die in de improvisatie en experimentele hoek zit. Des te verrassender is het dat hij op Carbeth niet alleen drumt, maar ook zingt en alle nummers heeft geschreven. Op het eerste gehoor is het traditionele folk met enkele gewaagde uitstapjes, bijvoorbeeld het gierende gitaarwerk in I took to you (like Christ to blood). Erg fraai is When I was young met de regel “rage against the dying light” die al dagen als refrein in mijn hoofd zit. Deze regel verwijst naar Dylan Thomas‘ gedicht Do not go gentle into that good night, een aansporing om tegen de dood te vechten, ook al verlies je. Zangeres Lavinia Blackwall draagt de plaat met haar heldere, krachtige stem die aan Maddy Prior (Steeleye Span) doet denken. Een andere associatie uit de jaren zeventig is de barokke folk van Mr. Fox. Opvallend is verder het rollende orgelgeluid en de trombone, een combinatie die je in de folk zelden hoort. En het mooiste is dat ze spelen op het Le Weekend festival in Stirling (31 mei), waar ik net als vorig jaar weer bij zal zijn.

MP3 Trembling Bells – When I was young

Black and White


Het voordeel van een abonnement op een blad dat slechts twee keer per jaar verschijnt is dat het steeds weer een verrassing is als je het tijdschrift weer in de brievenbus aantreft.
Zo was mijn dag weer goed toen onlangs Esopus nummer 12 in de bus plofte.
Esopus is een flink boekwerk op A4-formaat waarin het heerlijk bladeren, kijken en lezen is. De verschillende uitneembare bijlagen maken het lezen van Esopus een echte ontdekkingstocht. In Esopus nummer 12 vindt je bijvoorbeeld prachtige foto’s van Stanley Greenberg (hierboven), stills uit de film Killer of Sheep van Charles Burnett en een uitneembaar boekje met mooie schetsen van Michael Iskowitz.
Bij elk blad zit een CD-tje en daar gaat het hier natuurlijk om. Elk half jaar vraagt het blad muzikanten om zich bij hun bijdrage te laten inspireren door een thema. Deze keer is het thema van Esopus zwart-wit en muzikanten als Sam Amidon, Lisa Cerbone, de Ruby Suns en DJ/Rupture schreven allen songs gebaseerd op hun favoriete zwart-wit film. Een hoogtepuntje is wat mij betreft de song van Two Dark Birds. Het is niet allemaal even toegankelijk wat op de CD te horen is, vooral Sam Amidon’s bijdrage, geïnspireerd door The Furies, en het nuumer dat Nina Nastasia schreef n het zien van Roman Polanski’s Repulsion zijn indrukwekkend. Het is alweer een tijdje geleden dat ik Repulsion zag, maar volgens mij weet Nastasia de sfeer van de film aardig te treffen.

MP3 Nina Nastasia – Repulsion

Clay George


Je hebt wel eens zo’n plaat waar je een klik mee hebt, zoals ze dat tegenwoordig noemen, ook al kun je niet zeggen wat er nou precies zo bijzonder aan dat album is.
Ik heb dat nu met het nieuwe album van Clay George. Ik moet eerlijk bekennen dat ik niet eerder van de man had gehoord, ook al bracht hij al wat albums uit en zong hij mee op twee CD’s van Carolyn Mark.
Maar op dit moment draai ik eigenlijk weinig anders van Clay George’s nieuwe album.
De Canadees maakt redelijk traditionele Americana. De eerbied van de klassieke country blijkt uit alles, tot aan de klassiek uitziende hoes. Maar Clay gaat ook zijn eigen weg.
Hij schrijft prachtige songs, de rust in zijn vocalen doet weldadig aan en van de pedalsteel van Doc Jenkins lijk ik maar niet genoeg te kunnen krijgen.
Clay George springt op zijn album nooit uit de band, duikt op z’n hoogst nog dieper de melancholie in.
Het album doet me denken aan Justin Rutledge’s No Never Alone, zo’n album dat ik ook grijs draaide, of de sound van de Star Room Boys.
Het album van Clay George kwam eind april uit bij 2 Minutes 59 Records.

MP3 Clay George – This Old Town

Angela Desvaux in Paradiso


Het zijn weer drukke tijden voor de muziekliefhebbers. Zo krijgen we voor de zomerstop, of wat daar nog van over is, nog een flinke stroom nieuwe releases over ons heen.
En bezoekt een groot aantal interessante en minder interessante acts ons land in de komende twee maanden.
We hebben het hier al ‘ns eerder gehad over Tara Jane O’Neil en Marah die komende zondag in het Utrechtse Db’s te zien zijn.
En dinsdag 12 mei treedt Angela Desvaux samen met haar band The Mighty Ship op in de bovenzaal van Paradiso. Dit is nou typisch zo’n optreden dat snel aan de aandacht kan ontsnappen. Maandag 11 mei is Desvaux ook nog te zien in het Gentse Cafe Video.
In de band van Angela Desvaux komen we overigens een van de helden van Ketelmuziek tegen, namelijk Mike Feuerstack van Snailhouse. Hij speelt gitaar in The Mighty Ship.
Angela Desvaux bracht tot nu toe twee albums uit, beide eigenlijk even prachtig.
De muziek van Angela bevindt zich op het scheidingsvlak van Americana en de alternatieve pop. Daarbij schrikt ze niet terug voor wat experiment op z’n tijd.
Veelzeggend is dat haar albums worden uitgebracht door Thrill Jockey en niet door een meer op de Americana georiënteerd label als Bloodshot of Yep Roc. Thrill Jockey maakte naam met bands als Freakwater, The Sea and Cake en Giant Sand.
Onlangs bracht Desvaux in een beperkte oplage de 7” single If Ever I Loved uit en hierop is goed te horen waartoe zij in staat is. Dit is het titelnummer van 7”.
Ik ben er in ieder geval bij komende dinsdag.

MP3 Angela Desvaux – If Ever I Loved