Or, The Whale


Toch leuk dat albums opnieuw worden uitgebracht in de hoop een breder publiek te bereiken.
Dat gebeurt nu met het debuut van de band Or, The Whale. Bijzondere bandnaam, maar het is de ondertitel van de klassieker Moby Dick van Herman Melville.
Ik kocht het album Light Poles and Pines zo’n twee jaar geleden direct van de band, maar nu heeft Or, The Whale een echt label gevonden en een distributiedeal geregeld.
Het is ze gegund om dat grote publiek te bereiken, want Light Poles and Pines is een prachtige plaat. De band laat een mix van indie-pop horen met, vooral door de steelgitaar, Americana elementen.
In songs als Isn’t She Awful en Death Of Me klinken de Burrito Brothers en de Beachwood Sparks door, maar andere songs neigen weer meer naar de sound van bijvoorbeeld de Decemberists
De band heeft verschillende zangers en zangeressen en ook dat houdt de boel levendig.
Or, The Whale is misschien alleen een beetje te vergelijken Port O’Brien, niet geheel toevallig een band met wie Or, The Whale regelmatig optreedt.
Light Poles and Pines is een erg fijne plaat waar ik al twee jaar van geniet. Warm aanbevolen, dus.

MP3 Or, The Whale – Fixin’ To Leave

Fake Bookshelf


In Nederland ben ik nog nooit een ‘fake bookshelf’ tegengekomen. Misschien zijn ze er wel in Groot-Brittannië of de USA. Een ‘fake bookshelf’ is een afbeelding van een boekenkast op een stuk behangpapier. Zo kun je voor weinig geld een goede smaak aanschaffen.
Het Australische tijdschrift The Lifted Brow neemt de nep boekenkast als thema voor haar nieuwe nummer.
Ze hebben verzonnen boekentitels op de ‘fake bookshelf’ voorgelegd aan schrijvers en muzikanten met de vraag of ze op basis van die titel een verhaal of een song wilden schrijven.
Het resultaat is een erg aardig boekwerkje en maar liefst twee CD’s.
De muzikanten en schrijvers konden aan de slag met titels als The Stainless Steel Rat Saves The World, The Sheriff and The Widow en World’s Most Amazing Puzzles.
De kwaliteit van de CD’s is wat wisselvallig, maar uiteindelijk leveren de twee CD’s wel een handjevol diamantjes op. Zo zijn er mooie bijdragen van Carolyn Mark, Sly Hats, Hannah Marcus en Someone Still Loves You Boris Yeltsin. De Lucksmiths zijn sterk als altijd in het nummer met de mooie titel The World of Professional Golf 1994. Kathy Foster van de Thermals heeft haar bijdrage ingeleverd onder het pseudonym Butterfly Transformation Service.
Claudia Gonson is al jaren de muzikale partner van Stephen Merritt, aanvankelijk in de Future Bible Heroes en de laatste jaren in de Magnetic Fields. Bloody Sunrise is van de hand van schrijver Neil Gaiman.

MP3 < Claudia Gonson - Cottage Gardening

Barzin


In maart 2006 werd ik tijdens een concert in Austin, Texas aangesproken door Phil Klygo, die destijds voor het Canadese label Weewerk werkte. Toch handig dat ik zijn visitekaartje heb bewaard. Het was tijdens het SXSW-festival en Phil had van Tony Dekker van de Great Lake Swimmers gehoord dat ik wel een zwak zou hebben voor melancholieke pop. Nou, dan had hij wel iets moois voor me en als een dealer overhandigde hij mij het album My Life in Rooms van Barzin. En het album is inderdaad een must voor iedereen die van melancholieke pop houdt. Het tempo ligt laag, de steelgitaar huilt stilletjes door en de gefluisterde vocalen van voorman Barzin doen de rest. My Life in Rooms zwelgt in de melancholie.
Eind 2006 gaf de band op een ijskoude zondagmiddag een optreden in het Utrechtse krakersbolwerk ACU. Het optreden was op het laatste moment ingepland en na de show moest de band zich haasten om de terugvlucht naar Canada te halen. Een handjevol mensen was getuige van een intiem optreden in een zaaltje dat behangen was met oproepen om het gevestigde gezag omver te werpen.
Drie jaar na My Life in Rooms brengt de band eindelijk weer een nieuw album uit, Notes to An Absent Lover.
Notes to An Absent Lover is iets minder zwart-wit dan de voorganger, kent zelfs wat up-tempo momenten, maar de melancholie is nog steeds volop aanwezig.
De songs zijn misschien iets sterker en de opnamekwaliteit is absoluut beter. Maar Barzin fluistert nog steeds.
De band is in maart in Europa voor optredens in onder andere Leuven, Parijs en de rockstad Luxemburg. Laten we hopen dat ook nog wat Nederlandse optredens ingepland kunnen worden.
Het nummer When It Falls Apart lijkt mij wel een goede soundtrack voor ‘Blue Monday’. Ik lees hier dat de derde maandag van januari de dag is waarop de meeste mensen zich treurig, neerslachtig of weemoedig voelen. Veel sterkte vandaag.

MP3 Barzin – When It All Falls Apart

Debuut van Strand of Oaks is in één woord prachtig


Daar heb ik nou lang op gewacht: het album Leave Ruin van Strand of Oaks.
Op de site van het label La Société Expéditionnaire werd de CD al ruime tijd aangekondigd, maar nu is het er eindelijk.
Timothy Showalter is de man achter Strand of Oaks en zijn debuut is prachtig.
Leave Ruin is een kale, melancholische plaat waarop The Band en Neil Young duidelijk hun sporen hebben nagelaten. Bij de opnamen kreeg Showalter hulp van zijn labelgenoten Lewis & Clarke.
Showalter heeft een prachtige stem en zijn biografische teksten gaan door merg en been. In zijn bio is te lezen dat Timothy Showalter zijn woning in vlammen zag opgaan en vervolgens op drift raakte en zijn dagen doorbracht in goedkope hotels en rondhangend in parken. Het kan niet anders dan dat teksten van songs als End in Flames en Leave Ruin teruggrijpen naar die periode.
Inmiddels heeft hij zijn leven overigens weer op de rails. Overdag staat hij voor de klas of zit hij achter het stuur van de schoolbus.
De negen intense songs van Leave Ruin zijn stuk voor stuk prachtig en dit is een album dat je niet koud kan laten. Al had zo’n album wel een betere hoes verdiend.
Leave Ruin komt eind januari uit, maar is nu te downloaden via Emusic, iTunes of Amazon.

MP3 Strand of Oaks – Lawns Breed Songs

Boeiende tentoonstelling over Amerikaanse heartland


Bij het woord heartland schieten mij als eerste muzikale associaties te binnen. Blues, soul, country & western, rock & roll zijn afkomstig uit dit gebied in de Verenigde Staten met steden als Memphis, Nashville, St. Louis, Kansas City, Chicago en New Orleans. Op de tentoonstelling Heartland in het Van Abbemuseum is vooral recente kunst uit dit gebied te zien. Tot het heartland worden alle staten gerekend waar de Mississippi doorheen stroomt plus Michigan, Ohio, Indiana en Alabama. In bijna alle foto’s, films, installaties, schilderijen en collages in de tien zalen zijn lokale thema’s en plekken verwerkt. Dat maakt het tijd- en plaatsgebonden zou je zeggen, maar dat valt mee. Ook voor mensen buiten het heartland zit er genoeg interessants tussen. Eigenlijk geldt hetzelfde als voor bijvoorbeeld de muziek van Elvis Presley, Fats Domino en de soul uit Detroit. Deze lokale artiesten spreken een wereldwijd publiek aan. Ik zal niet alle werken op de heartland tentoonstelling noemen en mij beperken tot enkele persoonlijke favorieten. De foto’s van Alec Soth (onder andere het houten huis waar Johnny Cash zijn jeugd doorbracht), een prachtig huis in New Orleans stijl van Marjetica Potrč, sculpturen van Greely Myatt, een muurtekening van Deb Sokolow over een e-mail uit Nigeria, de CIA en samenzweringsfantasieën, de film Waterway van Dan Peterman over een boottocht op de Illinois rivier, gezien vanaf de punt van de boot en niet te vergeten de door Design 99 ingerichte zaal. Hierin ligt documentatiemateriaal van kunstcentra uit de verschillende steden in het heartland, die de bezoeker op zijn gemak kan doorbladeren in een lekkere leunstoel of op een bank. Aan de muren hangen foto’s en affiches over concerten, worstelwedstrijden, tentoonstellingen en je kunt met een koptelefoon op luisteren naar een tv-programma op een van de vele toestellen. De tentoonstelling in het Van Abbemuseum is verlengd tot en met 8 februari, dus wie nieuwsgierig is naar “artist-run initiatives and collaborative experiments from the middle of America”, ga eens een dagje naar Eindhoven (het Nederlandse heartland?).

Yeti 6: The Clean, Sun City Girls, Mingering Mike en meer


Ketelmuziek heeft vorig jaar al eens de aandacht gevestigd op Yeti, een interessant magazine in boekvorm plus een cd waar zeer uiteenlopende muziek op staat die soms irriteert, maar meestal nieuwsgierig maakt en intrigeert. Dat geldt zeker voor Yeti 6, dat al weer enkele maanden uit is. Een van mijn favoriete Nieuw-Zeelandse bands The Clean wordt geïnterviewd door Mike McGonigal, de editor van Yeti (hij schreef over My Bloody Valentine’s Loveless in de serie 33 1/3 over klassieke albums). Er staan twee songs van de band op de cd, plus een versie van hun Anything could happen door Times New Viking. De onderwerpen in Yeti bevinden zich buiten de begaande paden en lopen uiteen van Peter Doyle’s misdaadromans die zich in Australië afspelen, Luc Sante’s verzameling van Amerikaanse amateur-foto’s uit de periode 1910-1920, interviews met Sun City Girls en Vivian Girls, een stuk van Tim Lawrence over Arthur Russell en de downtown scene in New York (later dit jaar verschijnt hierover een boek van hem) en een pleidooi voor de noodzaak van disco, iets dat je niet zo snel zou verwachten in een undergroundblad. Niet alles is even pakkend, maar gevarieerd is het zeker. Wat The Clean zegt past goed bij Yeti: anything could happen. Nog een reden om deze Yeti te lezen is het verhaal over Mingering Mike. Deze muzikant uit Washington D.C. bracht sinds het einde van de jaren zestig een reeks platen uit in een oplage van 1 (één) met een zelfgemaakte hoes. De muziek zou een mix zijn van “street-corner vocal group sounds and straight-up soul”, maar op de Yeti cd-track I need assistance klinkt hij wel heel erg rudimentair. Een mix van blues op katoenplantages en rauwe Malinese zang begeleid door wasbord en lepels als percussie instrumenten. Dori Hadar schreef een boek over Mike, “the soul superstar you’ve never heard of”. Dat laatste lijkt mij overdreven, maar misschien stel ik mijn mening bij als ik meer van hem heb gehoord.

MP3 Mingering Mike – There’s Nothing Wrong With You Baby

It Still Moves


Ik heb mijn verblijf in Cuba ook gebruikt om weer ‘ns wat bij te lezen. Zo heb ik weer wat van Raymond Carver herlezen, voor de zoveelste keer, en heb ik met veel plezier It Still Moves van Amanda Petrusich gelezen.
Petrusich combineert in dit boek popjournalistiek met reisverslag en reist vanuit haar thuishaven Brooklyn naar bijvoorbeeld Nashville, Tennessee, Memphis, Tennessee en de staat Mississippi. Aan elk van haar reizen wijdt ze een apart hoofdstuk en daarin verweeft ze haar impressies van de plaats met de muziekhistorie en korte interviews met muzikanten als Freakwater, Califone en Iron and Wine en figuren uit de muziekindustrie.
Zo vertelt de schrijfster in het hoofdstuk over Nashville het verhaal van Chet Atkins en de Nashville Country, ze praat met Bobby Bare jr. over het verschil tussen Memphis en Nashville en geeft een mooie sfeerbeschrijving van Music Row.
Erg geslaagd zijn het hoofdstukken over Woody Guthrie en de Carter Family.
Hierin vertelt Petrusich de altijd weer fascinerende verhalen van Guthrie en de Carters en combineert deze met haar sfeertekeningen uit respectievelijk Brooklyn en de omgeving van Bristol, Virginia.
Petrusich, die schrijft voor onder andere Paste, Pitchfork en de Oxford American, mist natuurlijk ook wel ‘ns scherpte. Zo verzandt het hoofdstuk over het Folkways label in een wat academische discussie over de rechten van de muziek.
De ondertitel van It Still Moves luidt Lost Songs, Lost Highways, and the Search for the Next American Music. Maar die Next American Music komt er in het boek wat bekaaid af.
Al is het verhaal over Brattleboro, Vermont, dat gezien wordt als een van de belangrijke plaatsen van de alt folk, wel erg goed. Petrusich praat er onder meer met MV & EE en weet aan Byron Coley de uitspraak te ontlokken dat alt folk, of hoe je het ook wil noemen, eigenlijk ‘record collector music’ is. Het is muziek van mensen die vooral laten inspireren door een platenkast vol met obscuur Brits en Amerikaans werk. Interessante stelling, lijkt me.
It Still Moves is goed geschreven en informatief en de schrijfster weet haar visie op de verbondenheid tussen muziek en dorp, stad of landschap door het hele boek goed vast te houden.
It Still Moves zette me in ieder geval op het spoor van de band met mooie naam Red Heart The Ticker.
De band die oorspronkelijk uit Vermont komt duikt op in het booek en dat was voor mij aanleiding om hun album For The Wicked maar ‘ns (legaal) te downloaden.
Red Heart The Ticke past om meerdere redenen in het verhaal van It Still Moves. Om te beginnen combineert de band oude en nieuwe folk, de muziek is duidelijk verbonden met de geboortgrond van Red Heart The Ticker en tenslotte maakte de grootmoeder van Robin MacArthur, een helft van de band, een aantal platen voor Folkways.
Het album kan me niet van begin tot eind boeien, maar heeft absoluut een paar mooie momenten.

MP3 Red Heart The Ticker – Depression

The Guild League


Op de een of andere manier weet ik niet echt wat ik met een band als de Guild League aan moet.
En dat heeft vooral met zanger Tali White te maken. Ik ben een groot fan van zijn band The Lucksmiths en dan is het vreemd om die zo herkenbare stem in een heel andere omgeving te horen. De Guild League rolt namelijk net iets meer zijn spierballen dan de Lucksmiths.
Het is een beetje alsof Sam Beam van Iron & Wine gaat zingen bij Marah. Misschien werkt het wel, maar wennen is het absoluut.
Daar komt nog bij dat het vorige album van de band me nogal tegenviel.
Maar Speak Up is gelukkig een stuk beter, al kent ook deze plaat zijn zwakke momenten.
Maar bijvoorbeeld Mouse vs Mountain, If Not Now… en Brains zijn heerlijk aanstekelijke songs met fijne riffs en blazers die zo bij Dexy’s Midnight Runners weggelopen lijken te zijn. Dit zijn nummers die je met geen mogelijkheid meer uit je kop krijgt. En Tali White blijft daarbij natuurlijk een fantastische zanger.
Speak Up is nu uit op Matinee, een label waarvan bijna elke release weer een feestje is.

MP3 The Guild League – Mouse vs Mountain

Miss Lana Rebel


Een van de leukste Americana cd’s in mijn kast is die van de Juanita Family and Friends.
Dit fantastische album staat bomvol met aanstekelijke songs als Let’s Get Drunk and Watch TV en Cocaine Eyes, nummers die lekker spontaan en rafelig klinken.
De muziek van Juanity Family and Friends heeft de nodige overeenkomsten met die van Freakwater, maar rammelt net wat meer.
De voorvrouw van de Juanita’s, Lana Rebel, bracht eind 2008 een solo-album uit en dat klinkt ook weer erg lekker. Lana put haar inspiratie duidelijk uit de klassieke country van bijvoorbeeld Loretta Lynn en Kitty Wells, maar Lana’s ervaring bij punkrockers Last of the Juanitas heeft ook zijn sporen nagelaten. De countrytraditie is bij haar in goede handen.
All I Need is dan ook een fijn plaatje, ook al had het album zo hier en daar wel wat meer van de pit van Lana’s vorige band kunnen gebruiken.

MP3 Miss Lana Rebel – Woke Up One Mornin’