Emmy The Great op Metropolis Festival


Volgende week zondag 6 juli barst in het Rotterdamse Zuiderpark het Metropolis festival los.
Naast de ‘usual suspects’ uit het festival-circuit zoals Voicst en Friska Viljor kun je ook kijken en luisteren naar de Field Music- spin of School of Language, de Appalachian hardcore van O’Death en de Balkan-invloeden van DeVotchKa. Een andere opvallende act is Emmy The Great.
Emma-Lee Moss is piepjong, bracht tot nu toe twee singles uit, maar maakte daarmee en met haar optredens flink wat indruk in de wereld van de weblogs.
Later dit jaar wordt het eerste album van Emmy The Great verwacht en ik kijk daar al naar uit.
Ik zag Emmy eerder dit jaar in Austin, Texas optreden, daar maakte ik ook deze foto, en ik was erg onder de indruk. Haar werk is redelijk traditioneel en zit op het raakvlak van folk en singer-songwriter.
Emmy heeft een prachtige stem die ook live goed tot zijn recht komt en op haar songs klinken als klassiekers. Al moet ze er wel op letten dat ze niet teveel in het Katie Melua- territorium terecht komt.
Ik ben benieuwd naar haar optreden tijdens Metropolis, al vraag ik me ook af of zo’n festival wel de juiste plaats voor haar is.

MP3 Emmy The Great – Two Steps Forward (live)

Blackbird Harmony


Yer Bird is een van die labels die ik goed in de gaten houd omdat zij zoveel moois uitbrengen. Eerder brachten ze bijvoorbeeld werk uit van Sounds Like Fall en de fantastische J. Tillman.
En nu plofte bij mij een cd-tje op de mat van Blackbird Harmony.
Hardwood Exits duurt misschien een klein half uurtje, maar het is wel een klein half uurtje waarin je je heerlijk kunt onderdompelen in de melancholie van Blackbird Memory.
De steelgitaar jankt meesterlijk en Evan Birdsong fluister-zingt heerlijk. Zou dat zijn eigen naam zijn? Birdsong krijgt assistentie van Mara Lee Miller, die we natuurlijk nog kennen van haar werk onder de naam Bosque Brown. De stem van Mara Lee Miller kun je nauwelijks alledaags noemen, maar op de een of andere manier werken die duetten met Birdsong uitstekend. Yer Bird noemt het zelf ‘sublime and haunting Texas Noir-Folk’ en daarmee weten ze Blackbird Harmony goed samen te vatten.
De sfeer van Hardwood Exits doet mij op momenten nog het meeste denken aan die van Brightblack Morning Light’s album Ala.Cali.Tucky. Al kent Hardwood Exits iets meer up-tempo momenten.
Maar wat er overigens van Brightblack Morning Light terecht gekomen sinds ze door Matador zijn getekend?

MP3 Blackbird Harmony – Caution & Dispatch

Haley Bonar


Ik weet niet of het met een bedoeling is gebeurd of niet, maar de hoesfoto van Haley Bonar’s nieuwe album heeft wel wat weg van die van Nedelle’s The Locksmith Cometh. Kijk maar- ook een bijzondere blik, dat bontmutsje.
Big Star heet het nieuwe album van Haley Bonar en het is in ieder geval een hele stap vooruit ten opzichte van haar vorige twee cd’s. The Size of Planets en Lure The Fox lieten toch vooral introspectieve en wat sombere pop horen waarop vooral Low’s Alan Sparhawk een flink stempel heeft gezet. Dat zijn sfeervolle albums, maar Big Star is andere koek. Zo grijpt opener Green Eyed Boy je meteen al bij het nekvel met zijn Neko Case- achtige sfeer. En het album bevat meer van dat soort prachtige songs, waarin Bonar soms naar Neko Case neigt, maar dan weer naar Aimee Mann.
Zo hier en daar klinkt het album wat overgeproduceerd, maar we zullen maar aannemen dat dat de inbreng van producer Tchad Blake is.
Haley’s Big Star is een prachtige plaat met betoverende songs.

MP3 Haley Bonar – Green Eyed Boy

Holland Festival: silence is a rhythm too


De editie 2008 van het Holland festival telde weer voldoende voorstellingen om mij de afgelopen drie weken van de straat te houden of te voorkomen dat ik elke avond naar het EK voetbal zou kijken. Wat ik heb gezien was (zeer) de moeite waard. Naast hemel en aarde, het thema van het festival, was er ook volop water aanwezig in twee voorstellingen. Heiner Goebbels liet de zaal van het Muziekgebouw aan het IJ met waterbakken vullen voor zijn voorstelling Stifters Dinge. Een curieus maar fascinerend idee, zonder muzikanten en acteurs. De uit elkaar gehaalde piano’s werden elektronisch aangestuurd, het water kabbelde, sputterde en verschoot van kleur, stemmen waren op band te horen er klonk muziek van Bach. Geen verhaal, alleen dingen waar je naar kon kijken. En vreemd genoeg verveelde dat geen seconde, want er gebeurde voldoende. De muziek klonk al toen de bezoekers de zaal betraden en na afloop bleven de apparaten doorpruttelen. Nog meer water bij de voorstelling van WeerSlechtWeer. Het publiek zat rondom een put waar zij in konden kijken. Twee acteurs brachten daar beneden, in een waterbassin, het gedicht The waste land van T.S. Eliot ten gehore. Dat ze in het water stonden en lagen was nog niet voldoende, het begon tijdens de voorstelling ook flink te regenen. Drijfnat in het barre land, kan het contrasterender? Het gedicht was vertaald door Paul Claes, die ook tekende voor de fraaie Nederlandse versie van Ulysses (samen met Mon Nys). Het klonk erg goed. The waste land bevat vele citaten uit werken van Dante, Shakespeare en andere auteurs en wordt op zijn beurt weer geciteerd in popsongs. Tenminste, goodnight ladies, goodnight komt voor in het gelijknamige nummer van Lou Reed op Transformer en London bridge (is falling), een ander fragment, is een nummer van Bread, maar dat kan allemaal toeval zijn.

Hans Op de Beeck zorgde voor de grootste verrassing met zijn installatie Location (6). Een sneeuwlandschap met kale bomen waar mist en licht elkaar afwisselden en de bezoeker van de ronde ruimte zich in kon verliezen. Alles was wit en door de opstelling van de bomen leek het alsof je honderden meters ver kon uitkijken over het glooiende landschap. In werkelijkheid was de installatie misschien 5 meter in doorsnee, maar door belichting en schaalgrootte kon je je dat niet voorstellen. Van het op het eerste oog saaie witte landschap gaat een enorme rust uit die nog wordt versterkt door de vrijwel complete stilte van de ruimte. Ook de paar bezoekers die ik er aantref zijn muisstil, bang om geluid te maken. Enjoy the silence.
Voor herrie moest je zijn bij [In visione] popopera. Zes dansers met evenveel gitaren maken Sonic Youth achtige geluiden in een gestileerde dansvoorstelling, waarbij de gitaren als verlengstuk van het lichaam dienen. Het ziet er krachtig uit, met weinig gratie, maar daardoor wel zo spannend. Er is ook een mooi David Lynch moment als de enige vrouw die geen gitaar speelt een klassiek lied zingt (Bach?). Net als in Mulholland Drive in de nachtclubscène blijkt het echter playback te zijn, want even later schakelt ze over op een Marlène Dietrich achtige nachtclubzangeres. Als het toch echt was, dan heb ik niets gezegd. Goed om te zien dat de muziek niet gelikt hoeft te zijn en dat dansers ook zonder al te veel techniek zich kunnen uitleven op een elektrische gitaar. Anyone can play guitar, om Radiohead te citeren. Zo is het maar net.

Be Gulls


Het gebeurt me niet zo vaak dat ik alle releases van één label in huis heb. Bij Rad, het label van Kyle Field, lukt me dat tot nu toe wel, maar Rad bracht dan nog maar twee cd´s uit.
Over de eerste release, Soft Pow´r, schreven we al eerder. En nu komt Rad met By The Beach van Be Gulls. Ook bij Be Gulls draait het weer om Kyle Field. Field is een van die bijzondere types die de popmuziek zo kleurrijk maken. Net als Jack Johnson combineert hij het surfen met de muziek. Field maakt bovendien prachtige tekeningen die ook nu weer de hoes sieren.
Field werkte tot voor kort vooral onder de naam Little Wings en de Little Wings albums blinken uit in hun heerlijke lome en relaxte geluid.
Dat geluid hoor je op By The Beach terug. Al moet ik eerlijk zeggen dat Kyle zich er nu een beetje makkelijk vanaf heeft gemaakt. Naast twee of drie prachtige songs staan op de plaat ook een opgenomen telefoongesprek en een wat besluiteloos instrumentaaltje.
Je mag dan zelf uitmaken of By The Beach de aanschaf waard is.

MP3 Be Gulls – Look Hard Again

Get Records: it’s over


Zondag 15 juni was het zover. Voor het laatst kwamen de trouwe klanten nog één keer langs om afscheid te nemen van Get. Het was druk, er waren hapjes en drank en er was levende muziek. Het leek weer even of we terug in de tijd waren, het begin van de jaren 80 met de new wave. Ik moest tijdens het optreden denken aan de Gang Of 4 met hun tegendraadse nerveuze songs, de snerpende gitaar van Andy Gill en het declameren in plaats van zingen. Die sfeer sluit ook mooi aan op de posters die aan de wand van de winkel prijken: The Fall, The Birthday Party, Cabaret Voltaire en Rip Rig & Panic. Dat waren nog eens (andere) tijden. Maar niet al te zeer getreurd, want er verschijnt nog steeds genoeg goede muziek.

Noble Lake


Jammer eigenlijk dat er in ons land tot nu toe zo weinig aandacht was voor Wye Oak.
Hun album If Children is een ijzersterke mix van dromerige pop en stevige indierock.
En bij het horen van de stem van Jenn Wasner breekt de zon door. Er moet toch ook in Nederland een markt zijn voor een album als If Children, lijkt mij. Jenn Wasser vormt samen met Andy Stack de kern van Wye Oak en samen zijn ze ook te vinden in Noble Lake.
Maar daar houden de overeenkomsten op. Noble Lake laat op het album Heyday, uitgebracht door het label met de mooie naam Creative Capitalism, een folky geluid horen. Ze zijn daarbij niet alleen maar beïnvloed door de Amerikaanse folk-traditie, maar duidelijk ook die van de Britten.
Wasser en Stack krijgen hulp van James Saarsgard, een muzikant met een flinke staat van dienst in folk en Americana. Saarsgard schreef de muziek en teksten voor het album.
Heyday heeft een geluid dat iets aardser is dan dat van Espers of de bands uit de Language of Stone- stal kenen en dat bevalt me eigenlijk wel. Warm aanbevolen, dus.

MP3 Noble Lake – The Galley

Holland Festival 2008, eerste impressies


Dit jaar staat het Holland festival in het teken van hemel en aarde. Met zo’n thema kun je alle kanten op, bijvoorbeeld door voorstellingen in voormalige kerken te laten plaatsvinden. Het was ook een mooie aanleiding om het Orgelpark eens te bezoeken. Gelegen naast het Vondelpark is dit een prachtige gerestaureerde kerk met meerdere orgels (ik telde er drie). Je hebt op het balkon een prima uitzicht op deze instrumenten. Willem Tanke speelde orgelstukken van Olivier Messiaen die opvielen door hun gevarieerde klanken, van verstild tot dreunend. Messiaen noemde zichzelf ornitholoog en ritmicus, en dat hoor je terug in zijn composities. In het ruim vijf uur durende operaspektakel St. Francois d’Assise bijvoorbeeld, waarvan de titel al aangeeft dat vogels niet zullen ontbreken. Enfin, tot zover opera, want er was nog een tweede kerk waar moderne muziek te horen was. Dan bedoel ik natuurlijk Paradiso. Op 6 juni moesten de bezoekers een uur wachten voordat Ryoji Ikeda eindelijk begon, maar hij wist indruk te maken met een minimale electronische set die werd voorzien van spectaculaire zwart en wit vlakken en strepen die over twee reusachtige projectieschermen raasden. Naast dit korte optreden (maar wat mij betreft precies lang genoeg, ongeveer 25 minuten) zijn er installaties van Ikeda op diverse plekken in Amsterdam te zien. Afgelopen donderdag was het de beurt aan Mike Patton met het Metropole Orkest en een ensemble om Italiaanse muziek uit B-films vol verve uit te voeren. Paradiso was uitverkocht, omdat de muzikanten zo ongeveer de hele zaal in beslag namen. Het publiek paste er nog een beetje omheen of het kon op de eerste en tweede balkons zitten. IJzersterk repertoire, afwisselend sentimenteel en brutaal. Bij het stevige werk gaat Patton over op gegrom en andere non-verbale stemacrobatiek, waar het publiek de meeste waardering voor heeft. Maar ook in de ballads komt hij uitstekend tevoorschijn. Zoals in het nummer dat sterk lijkt op The world we knew, dat ik ken van Tav Falco’s Panther Burns. Mike lijkt ook wel wat op Tav, met dat smalle snorretje. Zijn kapsel lijkt weer meer op dat van Jules Deelder, lekker slick dus. Een onderhoudende avond, hoewel Mike een beetje gebelgd was over Nederland dat Italië had ingemaakt op het EK voetbal in Zwitserland.

The School


Is het niet weer ‘ns tijd voor wat indie-pop. Wat dacht je bijvoorbeeld van The School? De band uit Wales brengt een EP-tje uit met van die heerlijke Camera Obscura- achtige pop.
Voor songs als Let It Slip en I want you back mag je me ’s-nachts wakker maken. Vooral de stem van Liz (aan achternamen doet The School niet) tilt de band boven veel van de concurrentie uit.
Vergeet ook niet dat Fanfarlo zaterdag 14 juni in ons land is voor een optreden tijdens The Music in My Head. De band staat om negen uur ’s-avonds in de kleine zaal en is ’s-middags ook gratis te zien tijdens The Music in my Backyard, dat plaats vindt in de achtertuin van Prinsegracht 8.

MP3 The School – Let it Slip

Last of The Blacksmiths


De zon schijnt, de temperaturen stijgen en Last of the Blacksmiths brengen een nieuw album uit. Slechte timing, jongens. De band uit San Francisco grossiert in melancholieke Americana die het beste tot zijn recht komt als het om vijf uur
’s-middags donker begint te worden en de regen tegen de ramen striemt.
Op het nieuwe album van de Blacksmiths, Young Family Song, ligt het tempo laag en klinkt de stem van Nathan Wanta heerlijk doorleefd treurig.
Young Family Song is een uitstekende plaat, maar helemaal kritiekloos ben ik niet.
Het nivo van het debuutalbum haalt de band jammer genoeg niet. De songs van dat debuut hadden net iets meer structuur en waren net iets meer aangekleed. Young Family Song zeurt wat mij betreft net iets te veel, ook al zeurt het wel op een lekkere manier.
Kortom, wil je somberend de zomer door, probeer dan ‘ns de albums van Last of the Blacksmiths.

MP3 Last of the Blacksmiths- Pick a Song